Tijd van de Grieken en Romeinen
We zien nog steeds de tijd van de Grieken en Romeinen, van 3000 voor Christus tot 500 na Christus. De Romeinse godsdienst, waar we het al over hebben gehad, bestaat uit veel goden, ook bekend als polytheïsme.
Jodendom
Voordat we doorgaan naar het christendom, is het goed om het eerst over het Jodendom te hebben. Rond 63 voor Christus veroverden de Romeinen Judea, en de mensen die daar woonden waren Joden. In tegenstelling tot de Romeinen geloofden de Joden in één god, dit noemen we monotheïstisch. In 70 na Christus werd de Joodse opstand neergeslagen en begonnen de Joodse mensen zich te verspreiden over het hele Romeinse Rijk en uiteindelijk over de hele wereld.

Ontstaan van het christendom
Zo komen we aan bij het ontstaan van het christendom. De grondlegger hiervan is niemand minder dan Jezus Christus. Rond het jaar 30 na Christus stichtte Jezus een nieuwe monotheïstische godsdienst in Judea. Dit was het begin van het christendom. Na Jezus' kruisiging begonnen zijn volgelingen, de christenen, deze godsdienst te verspreiden.
Volgens de christenen komen de mensen die volgens de regels van de godsdienst leven na de dood in de hemel. Het Heilige Schrift van de christenen is de Bijbel, waarin de verhalen over Jezus en de regels die de christenen moeten volgen staan beschreven.
Romeinse reactie op het christendom
In het Romeinse Rijk botsten de christenen en de Romeinen vaak met elkaar. De Romeinen waren polytheïstisch en de christenen weer monotheïstisch waardoor conflicten ontstonden. Dit kwam tot een hoogtepunt toen de keizer het christendom in het hele Romeinse Rijk verbood.
Echter, langzamerhand begonnen steeds meer Romeinen het christendom aan te hangen, omdat in deze godsdienst iedereen als gelijkwaardig werd behandeld, in tegenstelling tot het Romeinse systeem.
Christendom wordt weer toegestaan
In het jaar 312 vindt keizer Constantijn het goed dat het christendom weer wordt toegestaan. Dit markeert een omslagpunt in het Romeinse Rijk. In 392 wordt keizer Theodosius christen en hij maakt het christendom de staatsgodsdienst. Vanaf dat moment is het christendom de enige toegestane godsdienst.
De hoogste leider van het christendom is de paus. Hij liet een grote kerk bouwen in de stad Rome die we nu nog steeds 'Vaticaanstad' noemen.




