Leerdoelen
•Je kunt de oorzaken, de aanleiding, het verloop en de afloop van de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) herkennen en beschrijven.
•Je kunt kenmerkende gebeurtenissen en ontwikkelingen in Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog benoemen en in het juiste tijdsgewricht plaatsen.
Oplopende spanningen in Europa
In Europa ontstonden veel spanningen tussen de verschillende grootmachten. Landen wilden het grootste en sterkste zijn, wat te maken had met:
•Nationalisme: veel landen vonden zichzelf het mooiste, sterkste en beste land. Ze wilden laten zien dat ze het grootste leger hadden.
•Modern imperialisme: Europese landen wilden zoveel mogelijk kolonies in Afrika en Azië hebben. Hoe meer kolonies, hoe meer macht en aanzien je had in Europa.
•Duitsland als grootmacht: Duitsland bestond voorheen uit allemaal losse staatjes, maar werd plotseling een groot en sterk land, wat de machtsverhoudingen in Europa veranderde.
De wapenwedloop en bondgenootschappen
De industrialisatie in Europa maakte het makkelijker om wapens te produceren. Dit leidde tot een wapenwedloop: als Duitsland veel wapens had, wilde Frankrijk er ook veel hebben, en zo ging dat maar door. Hierdoor bleven de spanningen oplopen. Landen gingen ook vrienden zoeken, zodat ze in geval van oorlog niet alleen stonden. Dit leidde tot het ontstaan van bondgenootschappen. We spreken dan over twee groepen:
•De Centrale: bestond uit Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en het Turkse Rijk (ook wel het Ottomaanse Rijk genoemd).
•De Geallieerden (ook wel de Triple Entente genoemd) bestonden uit Frankrijk, Groot-Brittannië, Rusland (tot 1917) en de Verenigde Staten (na 1917).
Verdere oorzaken van onrust
Ook waren er nog andere belangrijke oorzaken:
•Spanningen op de Balkan: de Balkanlanden, die bij het Ottomaanse Rijk hoorden, wilden zelfstandig worden. Dit zorgde voor veel onrust en conflicten.
•De Russisch-Japanse oorlog: in deze oorlog verloor een westers land, Rusland, van een Aziatisch land, Japan. Dit was belangrijk, omdat Aziatische landen in die tijd vaak als minderwaardig werden gezien. Het verlies van Rusland zette de Europese machtsverhoudingen onder druk en zorgde voor nieuwe spanningen.
De directe aanleiding
De directe aanleiding die de emmer deed overlopen, gebeurde op 28 juni 1914.
•Franz Ferdinand, de kroonprins van Oostenrijk-Hongarije, werd vermoord in Sarajevo door een Serviër genaamd Gavrilo Princip.
•Een maand later verklaarde Oostenrijk-Hongarije de oorlog aan Servië.
•Door de bestaande bondgenootschappen schoten landen elkaar te hulp: Duitsland hielp Oostenrijk-Hongarije, en al snel raakten alle andere Europese landen via hun bondgenootschappen ook betrokken bij de oorlog. Zo verspreidde het conflict zich snel over heel Europa en later de wereld.

Het verloop van de Eerste Wereldoorlog
De oorlog duurde van 1914 tot 1918 en was bijzonder zwaar en uitputtend.
De loopgravenoorlog
Al snel liep de oorlog vast, vooral in België en Noord-Frankrijk. De legers groeven zich in, wat leidde tot een loopgravenoorlog.
•Soldaten lagen tegenover elkaar in kilometerslange loopgraven. Vanuit hier werd geschoten, maar er werd bijna geen terreinwinst geboekt. Een aanval uit de loopgraven betekende vaak de dood.
•Het leven in de loopgraven was vreselijk: het was vochtig, er waren veel ratten, het voedsel was slecht en er ontstonden veel infecties, zoals de beruchte 'loopgravenvoet' waarbij tenen konden afsterven.
•Nieuwe wapens en tactieken, zoals gifgassen (waartegen soldaten gasmaskers droegen), zorgden voor enorm veel slachtoffers.

Een totale oorlog
De Eerste Wereldoorlog wordt een "totale oorlog" genoemd, omdat niet alleen de soldaten aan het front, maar de hele samenleving erbij betrokken was:
•Mannen vochten aan het front.
•Vrouwen werkten in fabrieken om wapens en munitie te maken.
•Er ontstonden voedseltekorten en andere schaarste.
•Families kregen te maken met veel slachtoffers.
•De overheid maakte veel propaganda, met leuzen en teksten in kranten, om de bevolking gemotiveerd te houden en te laten geloven in de overwinning.
•Het dagelijks leven van bijna iedereen stond in het teken van de oorlog.
Het einde van de oorlog
De oorlog kwam geleidelijk tot een einde:
•In 1917 sloot Rusland vrede met Duitsland. Rusland had te maken met interne revoluties en kon de oorlog niet voortzetten.
•Vanaf 1917 vochten de Verenigde Staten mee tegen Duitsland.
•De Duitse havens werden geblokkeerd, waardoor er geen voedsel of wapens meer konden binnenkomen. Duitsland zag in dat het de oorlog zou verliezen.
•De Duitse keizer moest aftreden.
•Op 11 november 1918 werd de wapenstilstand getekend en was de Eerste Wereldoorlog voorbij.
De gevolgen van de oorlog
Na de oorlog werd vastgesteld wie de schuldige was en wat de gevolgen zouden zijn.
•Grootmachten kwamen bijeen voor het Verdrag van Versailles.
•Duitsland werd aangewezen als de hoofdschuldige van de oorlog.
Dit had zware gevolgen voor Duitsland:
•Ze moesten 10% van hun grondgebied inleveren.
•Alle kolonies moesten worden afgestaan.
•Het Duitse leger mocht niet groter zijn dan 100.000 man.
•Duitsland moest hoge herstelbetalingen doen, vooral aan Frankrijk.

Nederland tijdens de Eerste Wereldoorlog
Nederland heeft tijdens de Eerste Wereldoorlog een bijzondere rol gespeeld.
•Nederland bleef de hele oorlog neutraal; het vocht niet mee aan de zijde van de Centrale of de Geallieerden.
Toch had de oorlog wel degelijk invloed op Nederland:
•Het Nederlandse leger bleef de hele oorlog gemobiliseerd. Dit betekent dat de soldaten paraat stonden om te vechten als Nederland zou worden aangevallen.
•Door de oorlogvoerende landen was er minder contact met andere Europese landen, wat leidde tot voedseltekorten en schaarste. Voedsel ging 'op de bon', wat betekende dat je bonnen moest inleveren om een bepaalde hoeveelheid aardappels of vlees te krijgen.
•Nederland ving veel Belgische vluchtelingen op, die in kampen werden ondergebracht.
•De Duitsers plaatsten in 1914 de dodendraad op de grens tussen België en Nederland. Deze draad was meer dan 200 kilometer lang en stond onder hoogspanning. Iedereen die de draad probeerde te passeren, werd geëlektrocuteerd. Dit deden de Duitsers om smokkelaars en spionage te voorkomen.















