In een dagboek vertelt een vrouw over een bezoek aan een rechtbank in Duitsland (1944):
Je kunt zoiets niet navertellen. Zeven verdachten. Zeven doodvonnissen. En het publiek zit erbij alsof het een circusvoorstelling was. Niemand was schuldig. Niet een van de zeven. Niet de jonge muziekstudente die men ervan beschuldigd had dat ze een communist in huis zou hebben. "Wel juffrouw, u zult er wel met meer dan één geslapen hebben", spotte de rechter. En de toeschouwers grinnikten vermaakt. Wil iemand zich verdedigen dan wordt hem de mond gesnoerd. Vijf minuten later was ze gevonnist. Ter dood veroordeeld.
