Les over 2 Het einde van de Koude Oorlog

Les over 2 Het einde van de Koude Oorlog

Gemaakt door Ainstein
2 Het einde van de Koude Oorlog
Deze video bestaat uit
  • De periode 1945 - 1989 en de nieuwe wereldorde De periode 1945 - 1989 en de nieuwe wereldorde
  • Het einde van de Koude OorlogHet einde van de Koude Oorlog
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 08:42
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Het einde van de Koude Oorlog: hoe verliep het proces?

Leerdoelen

Je kunt de invloed van de wapenwedloop op de veiligheid en de risico's daarvan uitleggen.

Je kunt de vijf hervormingen van Gorbatsjov beschrijven.

Je kunt de gevolgen van de hervormingen van Gorbatsjov voor Oost-Europa en de Sovjet-Unie uitleggen.

Belangrijke jaartallen

1945: de Verenigde Staten maken met een atoombom een einde aan de Tweede Wereldoorlog.

1962: tijdens de Cubacrisis ontstaat een directe dreiging van een atoomoorlog door Russische raketten op Cuba.

1975: de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie steken opnieuw veel geld in de wapenwedloop.

1985: Michail Gorbatsjov wordt leider van de Sovjet-Unie en start hervormingen.

1988: Gorbatsjov besluit geen militaire steun meer te verlenen aan andere landen van het Warschaupact.

1989: de Berlijnse Muur valt, wat gezien wordt als het einde van de Koude Oorlog.

1990: Oost-Duitsland en West-Duitsland worden herenigd.

1991: de Sovjet-Unie valt uiteen en wordt officieel opgeheven.

Angst voor een atoomoorlog en de wapenwedloop

In 1945 maakten de Verenigde Staten met een nieuw wapen, de atoombom, een einde aan de Tweede Wereldoorlog. De grote vernietigingskracht van dit wapen veroorzaakte een diepe angst voor een atoomoorlog. Tegelijkertijd zorgde het bezit van kernwapens ook voor veiligheid. Om even sterk te worden als de Verenigde Staten, ontwikkelde de Sovjet-Unie in 1949 eveneens een atoombom. Hierna maakten beide grootmachten steeds krachtigere wapens, zoals de waterstofbom en kernraketten die over grote afstanden afgeschoten konden worden. Zo ontstond een wapenwedloop. Door deze wapenwedloop was er een constante dreiging van oorlog. Toch durfden de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie elkaar niet aan te vallen: een aanval zou immers onmiddellijk leiden tot een verwoestende atoomaanval van de tegenpartij. Door deze afschrikking bleef het tijdens de Koude Oorlog bij dreigen.

De Cubacrisis van 1962

In 1962 kwam een atoomoorlog heel dichtbij tijdens de Cubacrisis. Nikita Chroesjtsjov, de leider van de Sovjet-Unie, besloot kernraketten te plaatsen op Cuba, dat kort daarvoor communistisch was geworden en vlak bij de Verenigde Staten ligt. Toen de Amerikaanse president John F. Kennedy dit ontdekte, liet hij de zee rond Cuba blokkeren door marineschepen om Russische schepen met raketonderdelen tegen te houden. Kennedy eiste dat alle kernraketten op Cuba werden verwijderd. Op het laatste moment liet Chroesjtsjov zijn schepen omkeren en beloofde hij de raketten niet op Cuba te plaatsen. In geheime gesprekken beloofde Kennedy op zijn beurt de communistische regering van Cuba met rust te laten en Amerikaanse raketten uit Turkije weg te halen. Beide leiders schrokken zo erg van de Cubacrisis dat ze voor het eerst afspraken maakten over ontwapening, waardoor de spanningen een tijdje afnamen.

De hervormingen van Gorbatsjov

Michail Gorbatsjov, de leider van de Sovjet-Unie vanaf 1985
Michail Gorbatsjov, de leider van de Sovjet-Unie vanaf 1985

Vanaf 1975 staken de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie opnieuw veel geld in het leger. Hierdoor kwam de Sovjet-Unie in zware economische problemen. Toen Michail Gorbatsjov in 1985 de nieuwe leider werd van de Sovjet-Unie, stond de economie op instorten: de landbouw bracht weinig op, fabrieken maakten producten van slechte kwaliteit en er waren grote tekortkomingen in winkels. Doordat de Sovjet-Unie bijna failliet was, kon het land de wapenwedloop financieel niet meer volhouden. Om het communisme te redden, voerde Gorbatsjov de volgende vijf hervormingen door:

Perestrojka: dit was een hervorming van de communistische economie. De streng gestuurde planeconomie werd versoepeld, waardoor burgers voortaan kleine eigen bedrijven mochten bezitten en winst mochten maken.

Glasnost: dit betekent 'openheid'. Burgers kregen meer vrijheid van meningsuiting en mochten openlijk kritiek uiten op het bestuur van het land.

Democratisering: het bestuur werd democratischer ingericht. Burgers mochten zelf leden van het parlement kiezen en ook andere politieke partijen mochten meedoen aan verkiezingen.

Ontwapeningsgesprekken: Gorbatsjov ging in gesprek met de Amerikaanse president Ronald Reagan over het verminderen van het aantal wapens om zo geld te besparen op het leger.

Stoppen van militaire steun: in 1988 besloot Gorbatsjov dat de Sovjet-Unie geen militaire hulp meer zou bieden aan andere communistische landen van het Warschaupact.

President Ronald Reagan en Michail Gorbatsjov schudden handen tijdens gesprekken over ontwapening
President Ronald Reagan en Michail Gorbatsjov schudden handen tijdens gesprekken over ontwapening

Het invallen van communistische regeringen en het einde van de Koude Oorlog

De hervormingen van Gorbatsjov brachten een kettingreactie teweeg die leidde tot grote veranderingen in Oost-Europa en het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.

De Val van de Berlijnse Muur en de Duitse hereniging

Toen bekend werd dat de Sovjet-Unie de communistische regeringen in Oost-Europa niet langer militair zou steunen, gingen burgers massaal demonstreren. Zij eisten vrije verkiezingen met meerdere partijen. Onder deze grote druk moesten de communistische regeringen aftreden en kwamen er democratisch gekozen besturen. Ook in de DDR (Oost-Duitsland) eisten demonstranten meer democratie en de vrijheid om naar West-Duitsland te reizen. In 1989 besloot de Oost-Duitse regering de grens te openen, waardoor de grensposten in de Berlijnse Muur opengingen. Deze Val van de Berlijnse Muur wordt gezien als het symbool voor het einde van de Koude Oorlog. In 1990 volgde de Duitse hereniging, waarbij Oost-Duitsland en West-Duitsland weer samen één land werden.

Duitsers op de Berlijnse Muur tijdens de Val van de Muur in 1989
Duitsers op de Berlijnse Muur tijdens de Val van de Muur in 1989

Problemen in Oost-Europa en het uiteenvallen van de Sovjet-Unie

De overgang naar een democratie en een kapitalistische economie zorgde in Oost-Europa en Rusland voor nieuwe uitdagingen:

Politieke problemen: voormalige partijleiders behielden vaak hun macht en kregen voor weinig geld grote staatsbedrijven in handen.

Economische problemen: de verouderde industrie en landbouw konden niet concurreren met westerse bedrijven, wat leidde tot veel faillissementen en hoge werkloosheid.

In de Sovjet-Unie zelf veroorzaakten de economische hervormingen stijgende prijzen en tekorten, waardoor Gorbatsjov zijn steun verloor. In 1990 en 1991 verklaarden verschillende gebieden (zoals Estland, Letland, Litouwen, Oekraïne en Armenië) zich onafhankelijk. In 1991 werd de Sovjet-Unie officieel opgeheven en trad Gorbatsjov af. Van de Sovjet-Unie bleef alleen Rusland over, dat eveneens een democratie met een kapitalistische economie werd.