Les over 2 Nederland in de Tweede Wereldoorlog
De Duitse bezetting van Nederland

Nederland in de Tweede Wereldoorlog: bezetting en verzet
Leerdoelen
•Je kunt beschrijven hoe Nederland bezet werd en welke veranderingen de Duitse bezetter doorvoerde in het Nederlandse bestuur.
•Je kunt de begrippen gelijkschakeling, censuur en rechtsstaat uitleggen in de context van de bezetting.
•Je kunt de drie manieren waarop de Nederlandse bevolking reageerde op de bezetting (collaboratie, verzet en aanpassing) beschrijven en hier voorbeelden van geven.
•Je kunt uitleggen hoe de laatste oorlogsjaren in Nederland verliepen, inclusief de gevolgen van de totale oorlog, de mislukking van Operatie Market Garden en de Hongerwinter.
Belangrijke jaartallen
•10 mei 1940: Duitsland valt Nederland binnen.
•14 mei 1940: Het verwoestende bombardement op het centrum van Rotterdam.
•15 mei 1940: De capitulatie van het Nederlandse leger.
•Februari 1941: De Februaristaking in Amsterdam als protest tegen anti-Joodse maatregelen.
•1943: Na de Duitse nederlaag bij de Slag om Stalingrad begint de grootschalige tewerkstelling van Nederlandse mannen in Duitsland.
•6 juni 1944: D-day, de landing van de geallieerden in Normandië.
•September 1944: Start van Operatie Market Garden en de Spoorwegstaking.
•Winter 1944-1945: De Hongerwinter in West- en Noord-Nederland.
•5 mei 1945: Heel Nederland is bevrijd.
De Duitse inval en de bezetting
Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak, hoopten de Nederlandse regering en de bevolking dat het land net als tijdens de Eerste Wereldoorlog neutraal kon blijven. Vanwege de toenemende spanningen in Europa gaf de regering wel opdracht tot de mobilisatie van het leger. Dit leger was echter klein en slecht bewapend. Op 10 mei 1940 viel Duitsland Nederland binnen. Om een snelle overgave af te dwingen, gaf Adolf Hitler opdracht om Rotterdam te bombarderen. Op 14 mei werd het centrum van de stad verwoest door een Duits bombardement.

Toen de Duitsers dreigden ook andere steden te bombarderen, besloot de Nederlandse regering tot de capitulatie: het leger legde de wapens neer en gaf zich over. De koninklijke familie en de ministers waren al vóór de overgave naar Groot-Brittannië gevlucht. Zij regeerden vanuit Londen als een regering in ballingschap. Dit is een regering die zegt de wettelijke macht te hebben in een land, maar deze macht door de bezetting niet daadwerkelijk kan uitoefenen.
Duits bestuur en het einde van de rechtsstaat
Na de capitulatie kreeg Nederland een Duits bestuur en voerde de bezetter de gelijkschakeling in. Dit betekent dat alle maatschappelijke organisaties en media onder directe controle van de nazi's kwamen te staan. Dit gebeurde op de volgende manieren:
•Er kwam strenge censuur: het Duitse bestuur bepaalde wat er in kranten stond en wat de radio uitzond. Ook het werk van kunstenaars, zoals schilders en schrijvers, werd streng gecontroleerd.
•Veel organisaties, zoals vakbonden en jeugdorganisaties, werden verboden. Alleen nationaalsocialistische organisaties mochten blijven bestaan.
•Politieke partijen werden verboden, met uitzondering van de NSB (Nationaalsocialistische Beweging).
Door deze maatregelen was Nederland onder het Duitse bestuur geen rechtsstaat meer. In een rechtsstaat zijn burgers beschermd tegen onrechtmatig optreden van de overheid en van andere burgers. Tijdens de bezetting kon de Duitse overheid echter zonder eerlijke rechtszaak geweld gebruiken of mensen gevangennemen.
Reacties van de bevolking: collaboratie, verzet en aanpassing
De Nederlandse bevolking reageerde op verschillende manieren op de bezetting. Deze reacties zijn in te delen in drie categorieën:
Collaboratie
Samenwerken met de bezetter wordt collaboratie genoemd. Een klein deel van de Nederlanders had bewondering voor de nazi's en steunde hen actief. Zij maakten propaganda, spoorden als 'Jodenjagers' ondergedoken Joden op of namen dienst in het Duitse leger. Veel van deze collaborateurs waren lid van de NSB.
Verzet
Het actief tegenwerken van de bezetter heet verzet. Verzetsstrijders hielpen onderduikers (mensen die zich verstopten voor de Duitsers), pleegden aanslagen en overvallen, verspreidden illegale kranten of vervalsten persoonsbewijzen (identiteitsbewijzen). Een belangrijke verzetsactie was de Februaristaking in 1941. Dit was een grote staking in Amsterdam en omgeving tegen de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. De directe aanleiding was dat de Duitsers 427 Joodse Amsterdammers met grof geweld hadden opgepakt. Het tramperoneel legde het werk neer en tienduizenden Amsterdammers staakten mee. De Duitsers maakten hier met geweld een einde aan.

Aanpassing
De overgrote meerderheid van de Nederlanders koos voor aanpassing. Zij collaboreerden niet en kwamen ook niet in verzet, maar probeerden simpelweg te overleven door zich aan te passen aan de nieuwe regels om zo niet in de problemen te komen.
De totale oorlog en de laatste oorlogsjaren
Vanaf 1943 werd de Tweede Wereldoorlog een totale oorlog. Dit betekent dat de hele samenleving en de economie werden ingezet om de oorlog te winnen. Na de Duitse nederlaag bij de Slag om Stalingrad in 1943 moesten bijna alle Duitse mannen het leger in, waardoor er in Duitsland een groot tekort aan arbeiders ontstond. Ongeveer een half miljoen Nederlandse mannen werden daarom onder dwang in Duitsland tewerkgesteld. Daarnaast nam de bezetter steeds meer Nederlandse goederen en voedsel in beslag. Om de ontstane voedseltekorten zo eerlijk mogelijk te verdelen, werd een distributiestelsel ingevoerd. Producten konden vanaf dat moment alleen nog worden gekocht met speciale bonkaarten.
De geallieerde opmars en de Hongerwinter
Na D-day (6 juni 1944) rukten de geallieerden op door Europa. In september 1944 startte Operatie Market Garden, een ambitieus plan om via Nederland Duitsland binnen te vallen. De geallieerden moesten hiervoor snel de bruggen over de grote rivieren innemen. Bij de brug over de Rijn in Arnhem ging het echter mis. De geallieerden verloren deze Slag om Arnhem, waardoor eind 1944 alleen het zuiden van Nederland (delen van Zeeland, Noord-Brabant en Limburg) was bevrijd.

Tijdens de operatie riep de Nederlandse regering in Londen op tot een landelijke Spoorwegstaking om het Duitse troepentransport te verzwakken. Het treinpersoneel gaf hier massaal gehoor aan. Als wraak blokkeerden de Duitsers echter alle voedseltransporten naar het nog bezette West- en Noord-Nederland. Dit leidde, in combinatie met een extreem strenge winter, tot de Hongerwinter van 1944-1945. Er ontstond een verschrikkelijke hongersnood waarin ruim 20.000 mensen stierven door honger en kou.

In het voorjaar van 1945 wisten de geallieerden ook de rest van Nederland te bevrijden. Op 5 mei 1945 was heel Nederland definitief bevrijd van de Duitse bezetting.

Na de oorlog werd de bevrijding uitbundig gevierd. Mensen die hadden gecollaboreerd, werden publiekelijk bespot en veroordeeld als landverraders die 'fout' waren geweest. Tot op de dag van vandaag herdenkt Nederland elk jaar op 4 mei de oorlogsslachtoffers en viert op 5 mei de Dag van de Vrijheid (Bevrijdingsdag).