Les over 2.4 Leven voor én na de dood
Ontstaan stedelijke gemeenschappen

Leven voor en na de dood: hoe dachten Egyptenaren?
Leerdoelen
•Je kunt de werking van het hiërogliefenschrift en het gebruik van papyrus uitleggen.
•Je kunt de sociale hiërarchie en de rollen van mannen en vrouwen in het oude Egypte beschrijven.
•Je kunt de kenmerken van de Egyptische natuurgodsdienst en het polytheïsme benoemen.
•Je kunt de ontdekking van de mummie van Toetanchamon door Howard Carter beschrijven.
Belangrijke jaartallen
•Rond 3100 v.Chr.: Ontstaan van het hiërogliefenschrift in Egypte.
•Rond 2520 v.Chr.: Seneb, een hoge ambtenaar, en zijn vrouw Senetites laten een bekend familiebeeld maken.
•Rond 2000 v.Chr.: Een Egyptische ambtenaar schrijft in zijn graftombe over zijn rechtvaardige werk.
•Rond 1400 v.Chr.: Creatie van de muurschildering in de graftombe van vizier Menna waarop ambtenaren de graanoogst registreren.
•Rond 1250 v.Chr.: Ramses II laat een enorm standbeeld van zichzelf maken met hiërogliefen op de achterkant.
•1923: Archeoloog Howard Carter onderzoekt de mummie van farao Toetanchamon.
Bestuur en administratie in het oude Egypte
In het oude Egypte speelden ambtenaren een cruciale rol in het bestuur. Zij haalden in opdracht van de farao de oogsten op bij de boeren en zorgden dat alles in pakhuizen werd bewaard. Met deze landbouwproducten kon de farao zijn werknemers belonen of handel drijven met andere landen voor schaarse producten zoals hout. Naarmate de Egyptische samenleving ingewikkelder werd, ontstond er behoefte aan wetten, afspraken en berekeningen die vastgelegd moesten worden. Rond 3100 v.Chr. leidde dit tot de ontwikkeling van het hiërogliefenschrift. Dit schrift bestond uit duizenden tekens, waarbij sommige tekens een heel woord betekenden (zoals een rebus) en andere tekens stonden voor een specifieke klank. Omdat het schrift erg moeilijk te leren was, stonden de speciale schrijvers van de farao in hoog aanzien. Zij hielden de administratie bij en schreven teksten over de successen van de farao op tempelmuren en standbeelden. Voor de dagelijkse administratie gebruikten zij papyrus, een vroege papiersoort gemaakt van de geperste en gedroogde stengels van de papyrusplant. Later ontstond ook het demotisch, een eenvoudiger te leren en sneller te schrijven variant van het hiërogliefenschrift dat werd gebruikt voor praktische teksten zoals medische handleidingen.
De ontdekking van Toetanchamon
In 1923 deed de archeoloog Howard Carter een spectaculaire ontdekking in de Egyptische woestijn. Hij vond de ondergrondse graftombe van de jonge farao Toetanchamon. In deze tombe lagen talloze gouden beelden en kostbaarheden. De mummie van de farao, het speciaal geconserveerde lichaam van de overledene, lag in een met goud beklede kist die een sarcofaag wordt genoemd. Over het hoofd van de mummie was een prachtig gouden dodenmasker geplaatst. Deze vondst toonde aan dat de Egyptenaren het leven na de dood minstens zo belangrijk vonden als hun leven op aarde.
De sociale hiërarchie en het dagelijks leven
De Egyptische samenleving was georganiseerd volgens een strakke hiërarchie, een maatschappelijke rangorde waarin de ene groep meer aanzien had dan de andere:
•De farao stond helemaal bovenaan en had het meeste aanzien en de absolute macht.
•De elite volgde direct daaronder en bestond uit de familieleden van de farao en hoge ambtenaren.
•De boeren en ambachtslieden vormden de werkende klasse en hadden aanzienlijk minder aanzien.
•De slaven stonden helemaal onderaan de ladder. Zij bezaten geen vrijheid en werkten voor hun eigenaren. Vaak waren dit krijgsgevangenen of Egyptenaren die hun schulden niet konden afbetalen.
In het dagelijks leven trouwden de meeste Egyptenaren en kregen zij kinderen. Vrouwen zorgden voor het huishouden en hielpen mee op het land. Hoewel hoge functies zoals arts of ambtenaar voor vrouwen zeldzaam waren, hadden zij wel grotendeels dezelfde rechten als mannen. Zo mocht een vrouw zelf een scheiding aanvragen en kreeg zij bij misdrijven dezelfde straffen als een man. Jongens leerden meestal een vak van hun vader door met hem mee te gaan naar het werk. Alleen de kinderen van rijke Egyptenaren gingen naar school om te leren schrijven.
Godsdienst en natuurgoden
Godsdienst speelde een centrale rol in het leven van de Egyptenaren. Zij geloofden in het bestaan van veel verschillende goden tegelijk, wat we polytheïsme noemen. Omdat de Egyptenaren geloofden dat er voor elk natuurverschijnsel een specifieke god verantwoordelijk was, spreken we van een natuurgodsdienst. Zo geloofden zij dat de god Hapy zorgde voor de jaarlijkse overstroming van de Nijl, terwijl de god Osiris verantwoordelijk was voor de groei van het graan. De belangrijkste god in hun geloofssysteem was de zonnegod.