Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met de derde alinea.
1.Sinds het WK van 1998 tonen veel Franse politici zich enthousiast over voetbal.
2.De filosoof Jean-Claude Michéa velt een negatief oordeel over voetballiefhebbers.
Typ het nummer en zet daarachter ‘wel’ of ‘niet’.
