Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met de tekst.
1.Een inwoonster van Villeneuve-de-Marsan heeft een pogona uit een opvangcentrum geadopteerd.
2.De vorige eigenaar van de pogona is verhuisd naar Australië.
3.Pogona's worden steeds populairder als gezelschapsdier.
4.Er komen in Frankrijk steeds meer pogona's in het wild voor.
5.Pogona's kunnen in Frankrijk alleen in een terrarium overleven.
Schrijf 'wel' of 'niet' achter elk nummer.
