Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met alinea 3.
1.Ambre is erg enthousiast over de sfeer in de circuswereld.
2.Ambre doet aan bodybuilding om haar spieren sterk te maken.
3.Ambre heeft nauwelijks tijd om zich voor te bereiden op haar examen.
Typ het nummer en zet daarachter ‘wel’ of ‘niet’.
