Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met de derde alinea.
1.In de jaren 60 was de 2CV populairder dan in de jaren 50.
2.Op het Franse platteland werd de 2CV gebruikt om de post rond te brengen.
3.De 2CV kwam veel voor in Franse films.
Schrijf 'wel' of 'niet' achter elke zin.



