Geef van elke bewering aan of deze wel of niet overeenkomt met de tekst.
1.Het recept van macarons verschilt per stad.
2.Voor alle macarons zijn dezelfde basisingrediënten nodig.
3.Macarons zijn er in meerdere smaken en kleuren.
4.Sommige macarons hebben twee verschillende smaken.
Schrijf 'wel' of 'niet' achter elk nummer in de uitwerkbijlage.
