Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met alinea 3.
1.De eerste surfers die Soukeye zag, waren allemaal jongens.
2.De ouders van Khadjou Sambe vonden het leuk dat hun dochter ging surfen.
3.Khadjou Sambe wil graag dat meer meisjes in Senegal leren surfen.
Omcirkel 'wel' of 'niet' achter elk nummer in de uitwerkbijlage.
