Geef van elke bewering aan of die overeenkomt met de derde alinea.
1.Bij een storm ontvangt de computer de hele dag door om de 10 minuten gegevens over de waterstanden en de weersverwachting.
2.Er dreigt overstromingsgevaar als er zware storm op komst is en er sprake is van vloed.
Noteer 'wel' of 'niet' achter de nummers op het antwoordblad.
