Vertellen over je vakantie

Vertellen over je vakantie

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 08:01
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Open vraag

Stel je voor dat je net terug bent van een fantastische vakantie en je wilt je ervaring delen met je Engelse taal leraar en klasgenoten. Houd de tips uit de les in gedachte en schrijf een mondeling voorbereiding waarin je vertelt over je vakantie. Denk aan het volgende:

1.Waar ben je naartoe gegaan en wanneer?

2.Met wie ben je gegaan en hoe ben je daar gekomen?

3.Hoe lang was je daar?

4.Wat heb je gedaan en hoe vond je het daar?

5.Wat was je favoriete moment of ding over de vakantie?

6.Was er iets dat je niet leuk vond aan de vakantie?

7.Zijn er nog andere interessante details die je wilt delen?

8.Wat zijn je toekomstige vakantieplannen?

Zorg ervoor dat je je voorbereiding hardop oefent en neem jezelf eventueel op om te beluisteren. Je kan ook feedback vragen aan een medestudent of leraar voor extra oefening. Succes!

Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt in het Engels vertellen over je vakantie.

Je kunt alle onderdelen van je vakantie benoemen in het Engels.

Algemene tips over spreken in het Engels

Voorbereiding

Een goede voorbereiding is essentieel. Begin met het opschrijven van wat je wilt zeggen in volledige zinnen. Dit helpt je om je gedachten te ordenen en om de juiste woorden te vinden. Zoek onbekende woorden op en schrijf alles op wat je wilt zeggen.

Oefenen

Oefen door hardop te spreken. Neem jezelf op en luister terug om te horen of je stottert of woorden verkeerd uitspreekt. Vraag vrienden of familie om feedback. Hoe vaker je oefent, hoe vloeiender je zult spreken.

Wat vertel je over je vakantie?

Waar en wanneer was je op vakantie?

Begin met waar en wanneer je op vakantie bent geweest. Voorbeeldzinnen:

"Last summer I went to (land)." - "Afgelopen zomer ben ik naar (land) geweest."

"I just got back from my vacation in (land)." - “Ik ben net teruggekomen van mijn vakantie naar (land).”

"Two weeks ago I visited (stad)." - “Ik bezocht (stad) twee weken geleden.”

Met wie en hoe ging je op vakantie?

Vertel met wie je bent gegaan en hoe je er bent gekomen. Voorbeeldzinnen:

"I went with my parents and my little brother." - “Ik ging met mijn ouders en mijn kleine broertje."

"I got there by plane." - “Ik ging erheen met het vliegtuig”

"We did a roadtrip with the entire family." - “We hebben een roadtrip gedaan met de hele familie.”

Hoe lang was je weg?

Vertel hoe lang je op vakantie was. Voorbeeldzinnen:

"I was in Spain for one week." - “Ik was voor een week in Spanje.”

"I went there for a couple of days." - “Ik was daar een paar dagen.”

Wat heb je gedaan en wat vond je ervan?

Vertel wat je hebt gedaan en wat je ervan vond. Voorbeeldzinnen:

"I went swimming and it was fun." - “Ik ben gaan zwemmen en dat was leuk.”

"I visited several cities and took a boat tour." - “Ik heb meerdere steden bezocht en ik heb een boottocht gedaan.”

Wat vond je het leukst of minder leuk?

Vertel wat je het leukst of minder leuk vond. Voorbeeldzinnen:

"My favourite food was (eten)." - “Mijn lievelingseten was (eten).”

"It was really boring when my parents wanted to visit a museum." - “Ik verveelde me toen mijn ouders een museum wilden bezoeken."

Andere leuke details of weetjes

Om een presentatie leuker te maken kan je weetjes of details toevoegen. Voorbeeldzinnen:

“This is the fifth time I visited (land)!” - “Dit is de vijfde keer dat ik (land) bezocht.”

“We go there every year, because my family has a beach house.” - “Wij gaan daar ieder jaar naartoe, omdat mijn familie daar een strandhuis heeft.”

"This was the first time I travelled without my parents, that was exciting!" - “Dit was de eerste keer dat ik zonder mijn ouders reisde, dat was spannend!"

Wat als je niet op vakantie bent geweest?

Als je niet op vakantie bent geweest, vertel dan over andere activiteiten. Voorbeeldzinnen:

"I went swimming because it was warm." - “Ik ben gaan zwemmen, omdat het warm was.”

"I visited the zoo and my favourite animal was (dier)." - “Ik ben naar de dierentuin geweest en mijn lievelingdier was (dier).”

"I had a sleepover at a friend's house." - “Ik ben gaan logeren bij een vriend thuis.”

Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo