Past simple & present perfect

Past simple & present perfect

Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 07:20
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Oefenen
Gatenkaas

Zet het werkwoord dat (tussen haakjes) staat in de present perfect:

I (fall) down the stairs.

I
down the stairs.
Samenvatting

Leerdoelen

Je kunt uitleggen hoe je de past simple en de present perfect maakt.

Je kunt bepalen wanneer je de past simple of de present perfect moet gebruiken.

Hoe maak je de past simple?

De past simple gebruik je voor acties die in het verleden zijn gebeurd en afgerond zijn. Er is nu niets meer mee aan de hand.

Regelmatige werkwoorden: Voeg -ed toe aan het werkwoord. Bijvoorbeeld: "Yesterday I walked to school."

Onregelmatige werkwoorden: Gebruik de tweede vorm van het werkwoord. Bijvoorbeeld: "Afterwards I ran home."

Negatieve zinnen en vragen: Gebruik "did" als hulpwerkwoord en zet het hoofdwerkwoord in de basisvorm.

Voorbeeld: "Yesterday I didn't walk to school." / "Did you run home afterwards?"

Wanneer gebruik je de past simple?

De past simple gebruik je voor korte acties die in het verleden zijn gebeurd en afgerond zijn. Vaak is er een duidelijke tijdsaanduiding, zoals:

Ezelsbruggetje Lady W: last, ago, date, yesterday, when.

Voorbeeld: "Last week I went to my grandmother's."

Hoe maak je de present perfect?

De present perfect gebruik je voor acties die in het verleden zijn begonnen en nu nog relevant zijn of gevolgen hebben.

Hulpwerkwoord: Gebruik "have" of "has" (volgens de SHIT-regel: she, he, it = has; I, you, we, they = have).

Voltooid deelwoord: Voeg -ed toe voor regelmatige werkwoorden of gebruik de derde vorm voor onregelmatige werkwoorden.

Voorbeeld: "She has lived in England for four years now."

Wanneer gebruik je de present perfect?

De present perfect gebruik je als iets in het verleden is gebeurd en er nu nog iets mee aan de hand is. Er is geen duidelijke tijdsaanduiding nodig.

Ezelsbruggetje: for, yet, never, ever, just, already, since.

Voorbeeld: "Carl has eaten his lunch already."

Vergelijking tussen past simple en present perfect

Past Simple: Gebruik je voor acties die volledig in het verleden liggen. Voorbeeld: "Yesterday I walked to school."

Present Perfect: Gebruik je voor acties die nog relevant zijn of gevolgen hebben. Voorbeeld: "I have walked to school and I hurt my ankle."

Hoe praat je over het verleden en het heden?

Met de present perfect kun je over een actie uit het verleden praten die nog steeds relevant is. Bijvoorbeeld: "I've already danced this week," betekent dat je nu niet wilt meedoen, ongeacht wanneer je precies hebt gedanst.

Veelgestelde vragen
Bekijk ook
4,8

Voeg je bij ruim 80.000 leerlingen die al leren met JoJoschool

Helemaal compleet!

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!

Heel overzichtelijk

Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.

Beter dan YouTube

Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

Waarom kies je voor JoJoschool?

Hoger scoren

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Betaalbaar en beter

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

Sneller begrijpen

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.

Ontdek JoJoschool 🎁

Met ons overzichtelijke platform vol met lessen en handige tools heb je alles voor school binnen handbereik. Maak je account aan en ervaar het zelf!

“Door JoJoschool kan ik makkelijker en beter leren” - Anne, 3 havo