Geef van elke van de volgende omschrijvingen aan of daarvan een voorbeeld wordt gegeven in de tekst.
Noteer "wel" of "niet" achter elk nummer op het antwoordblad.
1."sublime poetry" (alinea 8)
2."obscene terms" (alinea 9)
3."cracking codes" (alinea 11)
4."'relevant' gimmicks" (alinea 12)
