Geef van de volgende beweringen over Bibi aan of deze overeenkomen met de tekst.
Noteer "wel" of "niet" achter elk nummer op het antwoordblad.
1.Ze werd 's nachts vastgebonden omdat haar dorpsgenoten bang voor haar waren.
2.Ze droeg ornamenten in de hoop dat die een heilzaam effect op haar zouden hebben.
3.Vanwege negatieve ervaringen met artsen bezocht ze alleen nog alternatieve genezers.
4.Ze kreeg van verschillende deskundigen tegenstrijdige adviezen.
5.Er was door haar familie iemand in dienst genomen om haar te verzorgen.
6.Door haar ziekte was ze in een rolstoel terechtgekomen.
7.Haar neef bouwde voor haar een zelfstandig te bewonen appartement in zijn huis.
8.Haar neef onderhield haar in ruil voor door haar uitgevoerde werkzaamheden.
