Leg uit wat de refi-rente is.
Leerdoelen:
•Je kunt uitleggen hoe de Centrale Bank de rente kan inzetten om de inflatie te sturen.
De kerntaken van een centrale bank en de rol van de rente
Een centrale bank, zoals de Europese Centrale Bank (ECB), heeft verschillende belangrijke taken. Eén van de belangrijkste taken is het bewaken van prijsstabiliteit, oftewel het beheersen van de inflatie. Een cruciaal instrument dat de Centrale Bank hiervoor kan inzetten, is de rentestand. De rente fungeert als een belangrijk sturingsmiddel om de economie te beïnvloeden.
Het sturingsmiddel rente: de refi-rente
De rente die de Centrale Bank gebruikt om de economie te sturen, wordt de refi-rente genoemd. Dit is het rentepercentage dat de ECB in rekening brengt wanneer commerciële banken geld lenen bij de ECB. Commerciële banken berekenen deze rente uiteindelijk ook door aan hun eigen klanten. Als de refi-rente verandert, verandert dit ook de rentetarieven voor leningen bij commerciële banken.
Hoe een hogere rente de inflatie beïnvloedt
Stel dat er sprake is van hoge inflatie, wat betekent dat prijzen snel stijgen. De Centrale Bank kan dan de rente verhogen om dit tegen te gaan. Dit werkt als volgt:
•De Centrale Bank verhoogt de refi-rente.
•Commerciële banken moeten meer rente betalen om geld te lenen bij de ECB en berekenen deze hogere rente door aan hun klanten. Leningen worden dus duurder.
•Dit leidt tot een daling van de kredietverlening: zowel consumenten als bedrijven zullen minder snel geld lenen, omdat het duurder is geworden.
•Er komt daardoor minder geld in omloop bij het publiek. Dit betekent een lagere geldhoeveelheid (M1).
•Als er minder geld in omloop is, kan er ook minder geld worden besteed. De vraag naar goederen en diensten neemt af.
•Wanneer de vraag naar producten daalt, zullen de prijzen over het algemeen dalen of in ieder geval minder hard stijgen. Dit leidt tot een daling van de inflatie.

Hoe een lagere rente de economie stimuleert en inflatie kan veroorzaken
In tijden van economische neergang, bijvoorbeeld wanneer de economische groei stilvalt en er een risico op deflatie (dalende prijzen) is, kan de Centrale Bank de refi-rente verlagen. Dit proces werkt als volgt:
•De Centrale Bank verlaagt de refi-rente.
•Commerciële banken kunnen goedkoper geld lenen bij de ECB en zullen de rentetarieven voor leningen aan hun klanten verlagen. Lenen en besteden worden aantrekkelijker.
•Dit stimuleert de effectieve vraag, de totale vraag naar goederen en diensten van gezinnen en bedrijven.
•Als de effectieve vraag toeneemt, nemen ook de bestedingen toe.
•Zolang de productiecapaciteit (wat bedrijven maximaal kunnen produceren) nog niet is bereikt, kan de productie toenemen om aan de hogere vraag te voldoen.
•Maar zodra de productiecapaciteit is bereikt en de bestedingen (vraag) blijven maar stijgen, kunnen bedrijven niet meer produceren. Het gevolg is dat de prijzen zullen stijgen en de inflatie toeneemt.
Er is een duidelijk negatief verband tussen de rente en de inflatie.

De effectiviteit van de rente als sturingsmiddel
De rente als sturingsmiddel is niet altijd even effectief, en de geschiedenis toont aan dat er grenzen zijn. Na de kredietcrisis in 2008, toen de huizenbubbel in de Verenigde Staten barstte en de economische groei wereldwijd stilviel, probeerde de ECB de economie te stimuleren door de refi-rente te verlagen. De rente daalde jarenlang en was zelfs een tijdje negatief. Dit betekende dat banken moesten betalen om geld bij de ECB te stallen.
Echter, de Centrale Bank kan de rente niet onbeperkt verlagen. Op een gegeven moment wordt de zero lower bound bereikt. Dit is de grens waarbij verdere renteverlagingen niet meer effectief zijn. Als de nominale rente te ver in het negatieve gebied zakt, ontstaat er een prikkel om vermogen contant aan te houden. Mensen willen dan liever hun geld pinnen en thuis bewaren, in plaats van rente aan de bank betalen. Hoewel een kleine negatieve rente mogelijk is omdat het kostbaar is om grote sommen geld veilig thuis te bewaren, wordt het rentesturingsmiddel ‘uitgespeeld’ als de rente te ver daalt onder nul. Het is dan niet meer effectief om de economie te stimuleren.













