Leerdoelen
•Je kunt de correcte aanhef kiezen voor zowel formele als informele Duitse brieven, rekening houdend met het geslacht van de ontvanger en de meervoudsvorm.
•Je kunt de regels voor hoofdlettergebruik direct na de aanhef correct toepassen, inclusief uitzonderingen.
•Je kunt het gebruik van de woorden "um" en "mit" in Duitse zinnen kritisch beoordelen en waar nodig weglaten of vervangen, vooral in vergelijking met het Nederlands.
•Je kunt het juiste hulpwerkwoord kiezen tussen wollen, möchten, sollen en werden op basis van beleefdheid, streven of het doen van een voorstel.
•Je kunt het verschil tussen gehen, fahren en fliegen correct toepassen bij het beschrijven van verplaatsingen.
•Je kunt het verschil tussen het zelfstandig naamwoord voor een stapel (der Haufen) en het werkwoord hopen (hoffen) herkennen en correct spellen.
•Je kunt de voorzetsels nach, zu en in correct gebruiken bij plaatsbepalingen naar personen, landen, steden en grote ruimtes, inclusief vaste uitdrukkingen.
•Je kunt de correcte afsluitende groet kiezen en zonder leestekens aan het einde van een Duitse brief plaatsen, met aandacht voor hoofdlettergebruik en de umlaut.
Veelvoorkomende Taalfouten in het Duits
De aanhef: wie spreek je aan?
Een goede start is het halve werk, en dat geldt zeker voor de aanhef van je Duitse brief. Hier worden vaak fouten gemaakt, vooral bij het kiezen tussen mannelijke en vrouwelijke vormen, of wanneer je meerdere personen aanspreekt.
Voor informele brieven, als je de persoon goed kent:
•Bij een man gebruik je Lieber (net als 'der' eindigt op -er). Bijvoorbeeld: Lieber Jonas.
•Bij een vrouw gebruik je Liebe (net als 'die' eindigt op -e). Bijvoorbeeld: Liebe Meike.
Voor formele brieven:
•Bij een man gebruik je Sehr geehrter Herr Schmidt.
•Bij een vrouw gebruik je Sehr geehrte Frau Müller.
•Als je niet weet naar wie je schrijft, of als je een groep aanspreekt, gebruik je Sehr geehrte Damen und Herren. Let op: 'Damen und Herren' is een meervoudsvorm met het lidwoord 'die', en daarom eindigt de aanhef ook op een -e.
Na de aanhef: kleine letter of hoofdletter?
Een veelvoorkomende fout is het gebruik van een hoofdletter direct na de aanhef. Onthoud goed: na de aanhef volgt altijd een kleine letter. De zin wordt vervolgens op een normale manier afgesloten met een punt. Hierna begint een nieuwe zin wel weer met een hoofdletter.
Een ander punt is het vermijden van het woordje ich direct na de aanhef. Hoewel het tegenwoordig vaker voorkomt, wordt het nog steeds als formeler en netter beschouwd om dit te vermijden.
Uitzonderingen: Er zijn twee gevallen waarin je wél een hoofdletter gebruikt na de aanhef:
1.Wanneer je begint met de u-vorm (formeel "Sie").
2.Wanneer je begint met een zelfstandig naamwoord. Bijvoorbeeld: "Sehr geehrte Frau Schmidt, Stühle finde ich sehr interessant, deshalb bewerbe ich mich gern...." (maar dit komt in de praktijk minder vaak voor).
Voorbeeldzinnen:
•Sehr geehrte Frau Schmidt, ich hoffe, Sie hatten einen schönen Tag. (Incorrect - begin met kleine letter)
•Sehr geehrte Frau Schmidt, ich hoffe, Sie hatten einen schönen Tag. (Correct)
•Lieber Jonas, wie geht es dir? (Correct)
'Om' en 'met' in het Duits: wanneer wel en wanneer niet?
Nederlanders gebruiken de woorden "om" en "met" vaak op manieren die in het Duits anders zijn.
Het woordje "om" (um): In het Nederlands zeggen we vaak "ik verzoek u om dit te doen". In het Duits kun je het woordje "um" in dergelijke zinnen vaak weglaten.
•Nederlands: Ik verzoek u om dit te doen.
•Duits: Ich bitte Sie, dies zu tun. (Niet: "Ich bitte Sie um dies zu tun.") Als je het woordje 'om' in het Nederlands kunt wegdenken, doe dit dan ook in het Duits. Duitsers gebruiken minder vaak 'um' in dit soort situaties dan Nederlanders.
Het woordje "met" (mit): Vooral in informele zinnen zoals "Hoe gaat het met jou?" sluipen fouten.
•Nederlands: Hoe gaat het met jou?
•Duits: Wie geht es dir? (Niet: "Wie geht es mit dir?")
•Duits: Wie geht es Ihnen heute? (Formeel: Hoe gaat het met u vandaag?) Laat het woordje mit dus weg bij vragen over iemands welzijn.
Willen, zullen, moeten: het juiste hulpwerkwoord kiezen
Het correct gebruiken van de hulpwerkwoorden kan lastig zijn. Let goed op de nuance.
Wollen vs. Möchten:
•Wollen druk je uit als je een sterk verlangen of een concreet doel voor ogen hebt dat je wilt bereiken. Denk aan het nummer van Rammstein: "Ich will!"
•Möchten is de beleefdheidsvorm van willen en wordt veel vaker gebruikt in alledaagse situaties, zeker in formele contexten of wanneer je iets bestelt.
•Fout: Ich wolle ihn gern dabei helfen. (Let op: wolle met een hoofdletter W betekent 'wol van een schaap'.)
•Correct: Ich möchte ihm gern dabei helfen. (Ik wil hem graag daarbij helpen - beleefd)
•Correct: Ich will etwas im Shop bestellen. (Ik wil iets in de winkel bestellen - strevend, maar 'möchte' is beleefder)
•Op een terras: Ich möchte eine Cola. (Niet: "Ich will eine Cola.")
Sollen vs. Werden:
•Sollen wordt vaak verward met het Nederlandse "zullen", maar de vertaling is vaak anders. Sollen gebruik je voornamelijk wanneer je een voorstel doet en het werkwoord staat helemaal aan het begin van de zin.
•Soll ich heute Abend kochen? (Zal ik vanavond koken? - Voorstel)
•Als je in het Nederlands "zullen" gebruikt in de zin van een toekomstige handeling ("ik zal/ga iets doen"), gebruik je in het Duits het werkwoord werden.
•Fout: Dann soll ich Sie dabei helfen.
•Correct: Dann werde ich Ihnen dabei helfen. (Dan zal ik u daarbij helpen.)
•Ich werde etwas erzählen. (Ik zal/ga iets vertellen.)
•Ich werde zuhören. (Ik zal/ga luisteren.)
Gaan, rijden, vliegen: Gehen, Fahren, Fliegen
Deze werkwoorden lijken op elkaar, maar hebben een belangrijk verschil in betekenis.
•Gehen: betekent 'lopen' of 'te voet gaan'. Het kan ook gebruikt worden voor 'ergens voor een langere tijd verblijven' (meerdere maanden of emigreren).
•Fout: Ich gehe gleich mit dem Zug nach Berlin. (Je loopt niet met de trein)
•Fout: Ich gehe mit dem Auto. (Je loopt niet met de auto)
•Fahren: betekent 'rijden' of 'reizen met een voertuig'. Hieronder vallen auto, trein, fiets, bus en boot.
•Correct: Ich fahre gleich mit dem Zug nach Berlin.
•Correct: Ich fahre mit dem Auto.
•Correct: Ich fahre nach Deutschland. (Als je op vakantie gaat)
•Fliegen: betekent 'vliegen' en gebruik je specifiek voor reizen met een vliegtuig.
•Correct: Ich fliege nach Italien.
Hopen: Hafen of Hoffen?
Dit is een klassieke valkuil door de Nederlandse vertaling van "hoop".
•Der Haufen (met een ä of au, uitspraak 'au' zoals in 'blau') betekent 'de hoop' in de zin van een stapel, bijvoorbeeld een stapel mest. De transcriptie sprak over 'Hafen', wat 'haven' betekent.
•Hoffen is het werkwoord 'hopen'.
•Fout: Wir Hafen bald nach Amerika zu fliegen.
•Correct: Wir hoffen, bald nach Amerika zu fliegen. Als je het werkwoord hoffen vervoegt, schrijf je het zonder umlaut op de 'o': ich hoffe.
Plaatsbepalingen: Nach, Zu, In
De voorzetsels nach, zu en in worden in het Duits op specifieke manieren gebruikt om aan te geven waar je naartoe gaat of waar je bent.
Zu:
•Gebruik zu voor personen en merknamen (bedrijfsnamen).
•Ich fahre zu Oma/Opa/meiner Freundin. (Ik ga naar oma/opa/mijn vriendin.)
•Ich fahre zu McDonalds/Burger King. (Ik ga naar McDonalds/Burger King.)
•Vaste uitdrukking: Ich bin zu Hause. (Ik ben thuis.)
Nach:
•Gebruik nach voor landen, steden en dorpen zonder lidwoord.
•Ich fahre nach Belgien/Deutschland/England.
•Ich fahre nach Amsterdam/Rotterdam/Spijkenisse.
•Gebruik nach voor richtingen.
•nach oben (naar boven), nach unten (naar beneden), nach links (naar links), nach rechts (naar rechts).
•Vaste uitdrukking voor 'naar huis gaan': Ich fahre nach Hause. (Je bent er nog niet.)
In:
•Gebruik in voor landen met een lidwoord. Let op de verandering van het lidwoord afhankelijk van 'erheen gaan' of 'er al zijn'.
•Als je ergens naartoe gaat (accusatief): Ich fahre in die Schweiz (Zwitserland is 'die Schweiz').
•Als je ergens bent (datief): Ich bin in der Schweiz.
•Andere landen met lidwoord: die Türkei, die Niederlande.
•Gebruik in voor locaties met grote ruimtes of gebouwen. Vaak wordt het samengetrokken (in + das = ins).
•Ich gehe ins Kino/ins Restaurant/ins Büro. (Ik ga naar de bioscoop/het restaurant/het kantoor.)
Stroomschema: Een overzichtelijk schema dat stap voor stap uitlegt wanneer je nach, zu of in gebruikt. (Start) -> Is het een persoon of merknaam? -> Ja: Zu -> Nee: Is het een land, stad, dorp (zonder lidwoord), richting of "Hause"? -> Ja: Nach -> Nee: Is het een land met lidwoord of een gebouw/grote ruimte? -> Ja: In
Het afsluitende gedeelte: Afscheid nemen in stijl
De afsluiting van je brief is je laatste indruk, dus zorg dat deze correct is. Het belangrijkste is dat je nooit een komma of ander leesteken plaatst na de afsluitende groet.
Hier zijn de meest voorkomende correcte afsluitingen:
•Mit freundlichen Grüßen
•Mit wordt met een kleine letter geschreven.
•freundlichen (niet freundlichem of freundliche) met een kleine letter.
•Grüßen schrijf je met een hoofdletter G en met een umlaut (twee puntjes) op de u (ü).
•Liebe Grüße
•Liebe wordt met een hoofdletter geschreven.
•Grüße met een hoofdletter G en umlaut (ü).
•Lieber Gruß (enkelvoud)
•Lieber wordt met een hoofdletter geschreven.
•Gruß met een hoofdletter G en umlaut (ü).
Oefenopdracht: Fouten opsporen!
Lees de onderstaande tekst. Stel je voor dat dit halverwege een brief staat, dus de aanhef is al geweest. Welke fouten zie je en hoe zou je deze verbeteren? Neem even de tijd om erover na te denken voordat je verder leest.
"Gerne wolle ich Ihnen dabei helfen. Ich hoffen, dass Sie mir mit freundlichen Grussen antworten."
...
Heb je de fouten gevonden? Hier zijn de verbeteringen:
1."Gerne wolle ich": Dit moet "Gerne möchte ich" zijn. "Wolle" verwijst naar schapenwol, en "möchten" is de beleefdheidsvorm van willen.
2."Ich hoffen": Dit moet "Ich hoffe" zijn. "Hoffen" is het werkwoord 'hopen', en in de ik-vorm vervoeg je het als "ich hoffe".
3."mit freundlichen Grussen": Dit moet "mit freundlichen Grüßen" zijn. "Grüßen" heeft altijd een umlaut op de 'u'.
4."mit freundlichen Grussen": De afsluiting "Mit freundlichen Grüßen" mag geen komma of ander leesteken aan het einde hebben.
De correcte zinnen zouden zijn:
"Gerne möchte ich Ihnen dabei helfen. Ich hoffe, dass Sie mir mit freundlichen Grüßen antworten."













