Geef van elk van de onderstaande beweringen aan of deze wel of niet overeenkomt met het fragment.
1.De boodschap van de ontvangen berichten was uitsluitend kwetsend van aard.
2.Doordat ook anderen soortgelijke berichten als die aan Ruth ontvingen, werd er steeds meer over haar geroddeld.
3.De berichten komen in Ruths werksfeer terecht.
4.Ruth raakt gaandeweg gewend aan de toon en stijl van de berichten.
5.Ruth is geschokt als ze in een van de berichten over de affaire van haar man op de hoogte wordt gebracht.
6.Ruth heeft haar kennissen laten weten dat ze een nieuwe relatie heeft.
7.Ruth houdt het voor mogelijk dat de afzender van de berichten haar de relatie met Simon misgunt.
8.Ruth heeft begrip voor Ludwigs minnares, omdat ook deze vrouw haar geliefde heeft verloren.
Noteer achter elk nummer op het antwoordblad 'wel' of 'niet'.
