Geef van elk van de onderstaande beweringen aan of deze wel of niet overeenkomt met alinea 2.
1.Van Gogh had amper belangstelling voor de opbrengst van zijn werk.
2.Kunstkenners ontdekten religieuze motieven in Van Goghs werk.
Noteer achter de nummers op het antwoordblad 'wel' of 'niet'.
