Geef van elk van de onderstaande beweringen aan of die wel of niet overeenkomt met alinea 5.
Kruis aan 'wel' of 'niet' in de uitwerkbijlage.
1.Alle producten in Carolins winkel zijn afkomstig uit Potsdam.
2.Carolin verkoopt alle soorten levensmiddelen.
3.In Carolins winkel zijn verpakkingen verkrijgbaar om de levensmiddelen in mee te nemen.



