Vraag 4
Met opgeheven hoofd je examens in
  • Oefen de examens van de afgelopen 8 jaar, met uitleg van docenten bij elke vraag
  • Extra uitleg en oefenen bij elk onderwerp uit je examen
  • Loop je vast? Ainstein, je AI-tutor, kijkt met je mee en helpt je verder
5 punten
Open vraag

Welke uitspraak hoort bij welke alinea?

Begin bij alinea 2, je mag elke uitspraak maar één keer gebruiken en je houdt twee uitspraken over.

Es gibt Leute, die meine Bücher nicht gut finden.

Früher versuchte ich, die Kinder für meine Ideale zu begeistern.

Jetzt weiß ich besser, wie man Kindern eventuell eine Botschaft vermitteln kann.

Jugendliteratur unterscheidet sich eigentlich kaum von Erwachsenenliteratur.

Menschen messen meinen Büchern zu viel Bedeutung zu.

Nicht zu fassen, was man sich früher beim Schreiben für Kinder ausgedacht hat.

Was die Themen angeht, muss ich bei meiner eigenen Welt bleiben.

Noteer achter de nummers 2 tot en met 6 op je antwoordblad telkens de letter van de juiste uitspraak.

Op deze pagina behandelen we vraag 4 van het centraal examen Duits havo 2021 tijdvak 2. Deze vraag is onderdeel van Tekst 2 „Ich wollte allerhand nicht sein", en is 5 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden