Geef van elk van de volgende beweringen aan of deze wel of niet overeenkomt met de inhoud van de tekst.
1.Hanna heeft Ben gevraagd om voor haar verjaardag een graffiti kunstwerk te maken.
2.Al zolang Ben en Hanna vrienden zijn, dagen ze elkaar uit dingen te doen die ze eigenlijk niet durven.
3.Hanna probeert Ben op het rechte pad te houden.
4.Hanna is bang dat Ben door zijn kunstwerk in de problemen zal raken.
5.Ben heeft een paar dagen in de gevangenis gezeten vanwege eerdere graffiti.
6.Hanna vindt dat Ben de school een slechte naam bezorgt door zijn graffiti.
7.Ben is ervan overtuigd dat Hanna hem zal verraden.
8.Ben raakt geïrriteerd doordat Hanna zijn verjaardagscadeau afkeurt.
Noteer achter elk nummer op het antwoordblad 'wel' of 'niet'.
