Afstoting
Bij transplantaties van menselijke organen is meestal het risico van afstoting aanwezig. Er worden verschillende typen afstotingsreacties onderscheiden:
• afstotingsreactie 1 = hyperacute afstoting: het transplantaat wordt binnen enkele minuten vernietigd;
• afstotingsreactie 2 = acute afstoting: beschadiging van het transplantaat beginnend enkele dagen na de transplantatie;
• afstotingsreactie 3 = chronische afstoting: geleidelijke afstoting van het transplantaat, beginnend enkele weken na de transplantatie.
Bij welke van deze afstotingsreacties zijn geheugencellen van het afweersysteem van de ontvanger betrokken?













