Koraal
De afgelopen 30 jaar gaat het niet goed met het koraal. De voorspelling is dat de natuur 90% van al het koraal zal verliezen in de komende eeuw.
Door de mens dreigen we deze prachtige bloemdieren te verliezen. Tot welke stam behoort koraal?


Edzard BornemanDe afgelopen 30 jaar gaat het niet goed met het koraal. De voorspelling is dat de natuur 90% van al het koraal zal verliezen in de komende eeuw.
Door de mens dreigen we deze prachtige bloemdieren te verliezen. Tot welke stam behoort koraal?
Eukaryoten zijn organismen. Een belangrijk onderdeel dat een eukaryoot onderscheidt van bijvoorbeeld bacteriën is dat eukaryoten een celkern hebben en bacteriën niet. Eukaryoten hebben ook andere gemeenschappelijke celstructuren zoals vacuolen, mitochondriën en het endoplasmatische reticulum. De drie grote groepen binnen de eukaryoten zijn:
1.schimmels
2.planten
3.dieren
Schimmels zijn onder te verdelen in vele soorten zoals gisten en paddenstoelen. Ze hebben belangrijke rollen in de natuur en het menselijk leven. Ze dienen als reducenten, ze helpen dode materie af te breken en voedingsstoffen terug in de bodem te brengen. Ze hebben ook medische en culinaire toepassingen.

Een voorbeeld van een eencellige schimmel is gist, terwijl paddenstoelen voorbeelden zijn van meercellige schimmels. Deze meercellige schimmels groeien door middel van schimmeldraden, ook wel hyphae genoemd. Ze reproduceren zich door sporen die haploïd zijn, wat betekent dat ze de helft van de genetische informatie hebben in vergelijking met een gewone, diploïde cel.
Schimmels kunnen ook ziektes veroorzaken, zoals zwemmerseczeem of meer ernstige infecties. Aan de andere kant zijn ze nuttig bij de productie van bepaalde voedingsmiddelen zoals brood, door alcohol en CO2 te produceren dat het brood laat rijzen. Ook zijn ze betrokken bij de productie van antibiotica zoals penicilline.
Het plantenrijk omvat vijf afdelingen: wieren, mossen, paardenstaarten, varens en zaadplanten. De zaadplanten zijn verder onderverdeeld in de naaktzadige en bedektzadige planten.
•Wieren: Deze planten hebben geen wortels, stengels of bladeren. Voorbeelden zijn boomalg en zeesla.
•Mossen: Mossen hebben geen echte wortels en groeien vaak op dakpannen. Hun voortplanting gebeurt door sporen die ontstaan in sporendoosjes.
•Paardenstaarten: Deze planten hebben holle, gelede stengels en planten zich voort door sporen die ontstaan in sporenvormende orgaantjes aan het uiteinde van de stengels.
•Varens: De bladeren van varens zijn groot en meestal ingesneden. Ze planten zich ook voort door sporen die ontstaan in sporenhoopjes aan de onderzijde van de bladeren.
•Zaadplanten: De zaadplanten zijn onderverdeeld in twee klassen: de naaktzadigen en de bedektzadigen. De bedektzadigen hebben zaden in vruchten, terwijl de naaktzadigen zaden hebben die blootliggen.
Dieren zijn eukaryoten zonder celwand en bladgroenkorrels, maar met complexe cellen met een celkern. Ze zijn heterotroof, wat betekent dat ze hun energie krijgen door andere organismen te consumeren.

Binnen het dierenrijk hebben we verschillende afdelingen zoals de eencellige dieren, sponsen, holtedieren, platwormen, rondwormen, ringwormen, weekdieren, stekelhuidigen, geleedpotigen en gewervelde dieren.
Elk van deze afdelingen heeft unieke kenmerken:
•Eencellige: Deze organismen zijn asymmetrisch en hebben geen skelet. Voorbeelden zijn amoeben en pantoffeldiertjes.

Sponzen: Dit zijn vastzittende asymmetrische zeedieren met een skelet van naalden tussen de cellen.

•Holtedieren: Ze zijn straalsgewijs symmetrisch en hebben meestal geen skelet. Ze vangen hun prooi met tentakels, bijvoorbeeld een kwal of een zeeanemoon.

•Platwormen: Platwormen hebben een lang, dun en plat lichaam zonder skelet. Velen leven als parasieten.
•Rondwormen: Rondwormen hebben ook een lang, dun lichaam, maar de dwarsdoorsnede ervan is rond.
•Ringwormen: Dit zijn wormen waarvan het lichaam is opgebouwd uit schijfjes en de dwarsdoorsnede is rond.

•Weekdieren: Weekdieren hebben een zachte huid en zijn tweezijdig symmetrisch. Ze hebben meestal een schelp of een huisje als skelet. Voorbeelden zijn een mossel, een slak of een inktvis.
•Stekelhuidigen: Deze zeedieren zijn straalsgewijs symmetrisch en hebben een inwendig skelet van kalk. Voorbeelden zijn een zeester en een zee-egel.
•Geleedpotigen: Deze dieren zijn tweezijdig symmetrisch en hebben een uitwendig skelet, een pantser van chitine (hoornachtige stof). De kop draagt ogen en voelsprieten. Ze kunnen verder worden ingedeeld in duizendpoten, kreeftachtige, spinachtige en insecten.

Gewervelden: Gewervelde dieren vormen de laatste en meest complexe groep binnen het dierenrijk. Ze worden gekenmerkt door een inwendig skelet met een ruggengraat of wervelkolom. Ze zijn tweezijdig symmetrisch en in te delen in de volgende groepen: vissen, amfibieën, reptielen, vogels en zoogdieren.

Alle informatie die ik voor mijn toetsen moet kennen is aanwezig, de powerpoints zijn duidelijk en makkelijk te begrijpen. De opdrachten passen altijd goed bij het onderwerp en ondersteunen goed bij het leren. JoJoschool is erg overzichtelijk voor mij!
Ik gebruik het nu voor Biologie, het werkt ontzettend goed, het is heel overzichtelijk en alles wordt behandeld. Hoog rendement haal ik met leren, geen langdradige verhalen, maar ook niet te moeilijk. Het houdt ook automatisch bij hoe ver je bent.
Het is voor mij een erg goede manier om de leerstof voor toetsen te begrijpen. De video’s zijn een stuk duidelijker en beter dan de meeste video’s op YouTube.

86% van onze leerlingen zegt hoger te scoren.

Een alternatief op dure bijles, altijd uitgelegd door bevoegde docenten.

83% van onze leerlingen zegt onderwerpen sneller te begrijpen.







