De hersenen bestaan uit de grote hersenen, de kleine hersenen en de hersenstam. Noem twee functies van de kleine hersenen.
Leerdoelen
•Je kunt de onderdelen van de hersenen en hun functies benoemen.
•Je kunt uitleggen hoe drugs, medicijnen, en alcohol invloed kunnen hebben op de hersenen.
•Je kunt de onderdelen van het hormoonstelsel benoemen.
•Je kunt een paar hormoonklieren in het lichaam benoemen.
De hersenen
Onze hersenen zijn complex en bestaan uit verschillende onderdelen, waaronder de grote hersenen, kleine hersenen en de hersenstam.
Structuur van de hersenen
De hersenstam is een belangrijk deel van de hersenen omdat het de grote en kleine hersenen verbindt met het ruggenmerg. Deze structuur reguleert vitale levensfuncties zoals ademhaling, hartslag, temperatuur en bloeddruk.

De grote en kleine hersenen zijn onderverdeeld in een linker- en een rechterhelft. De buitenste laag, de hersenschors, bevat grijze stof met de cellichamen van de schakelcellen. De binnenste laag bevat witte stof met de uitlopers van deze cellen.
Impulsen afkomstig van onze zintuigen worden door de hersenen verwerkt. Afhankelijk van het type impuls, komt deze aan in verschillende gebieden van de hersenen, de zogenaamde hersencentra. Bijvoorbeeld, de gevoelcentra ontvangen informatie van de zintuigen en de bewegingscentra sturen spieren en klieren aan.

De kleine hersenen zijn verantwoordelijk voor de coördinatie van bewegingen, het evenwicht bewaren en de mogelijkheid om iets te vangen.
Invloed van alcohol, drugs en medicijnen op hersenfunctie
Substanties zoals medicijnen, alcohol en drugs kunnen de werking van de hersenen beïnvloeden. Deze middelen kunnen impulsen stimuleren of juist dempen, wat kan resulteren in verschillende gevoelens van welzijn of verdoving.
Het is echter belangrijk te noteren dat veel van deze middelen potentieel schadelijk kunnen zijn voor de hersenen en vaak verslavend zijn.
Het hormoonstelsel
Het hormoonstelsel bestaat uit verschillende klieren, waaronder de hypofyse, schildklier, thymus (zwezerik), bijnieren, alvleesklier (met de eilandjes van Langerhans), en de geslachtsklieren (eierstokken en testikels). Deze klieren produceren hormonen - stoffen die de werking van specifieke organen reguleren.
In tegenstelling tot andere klieren, hebben hormoonklieren geen afvoerbuizen. In plaats daarvan geven ze hun hormonen direct af aan het bloed, waardoor deze stoffen door het hele lichaam kunnen worden getransporteerd.
Hormonen werken echter alleen op de organen die er gevoelig voor zijn.

Samenwerking hersenen en hormoonstelsel
Hormonen en hersenen werken nauw samen. In het brein bevindt zich de hypofyse, een belangrijke hormoonklier. De hypofyse produceert verschillende hormonen die diverse organen in het lichaam aansturen.
Zo zie je dat de hersenen en het hormoonstelsel nauw verbonden zijn en samenwerken om ons lichaam goed te laten functioneren.














