Welke stof geeft de rode bloedcellen hun kleur?
Bloed
Leerdoelen
•Je weet waar bloed uit bestaat
•Je kent de kenmerken en functies van de onderdelen van bloed
•Je kunt uitleggen wat er aan de hand is bij bloedarmoede
•Je snapt wat er aan de hand is bij leukemie
•Je weet wat trombose is
Waaruit bestaat bloed?
Bloed voert een belangrijke taak in ons lichaam: het vervoert voedingsstoffen, zuurstof en afvalstoffen om ons lichaam goed te laten functioneren. Het bestaat uit bloedplasma, bloedcellen en bloedplaatjes. Ongeveer 55% van ons bloed bestaat uit plasma en 45% uit bloedcellen en bloedplaatjes.

Bloedplasma: De basis van bloed
Bloed bestaat voor ongeveer 55% uit bloedplasma, een gele vloeistof die 91% water bevat, 7% plasma-eiwitten en 2% opgeloste stoffen zoals zouten, hormonen en enzymen.
Een van deze eiwitten is fibrinogeen, dat een cruciale rol speelt bij bloedstolling. Zonder bloedplasma zou ons lichaam niet in staat zijn om de warmte in ons lichaam te reguleren. Bloedplasma vervoert voedingsstoffen, zuurstof, afvalstoffen, hormonen, enzymen en antistoffen.

Wat zijn bloedcellen?
Er zijn twee typen bloedcellen: de rode en de witte bloedcellen.
Rode bloedcellen: De zuurstofdragers
Rode bloedcellen hebben een ronde vorm met een deukje in het midden (geen celkern) en zijn erg belangrijk omdat ze zuurstof vervoeren. Ze doen dit met behulp van hemoglobine, een eiwit dat zuurstof aantrekt en dat ook de bloedcellen hun rode kleur geeft. Rode bloedcellen hebben een levensduur van 4 maanden, vervolgens worden zij afgebroken in de lever, de milt en het rode beenmerg (in de kop van pijpbeenderen en in platte beenderen). Het ijzer dat vrijkomt tijdens de afbraak kan weer opnieuw gebruikt worden in de nieuwe rode bloedcellen. Er worden constant nieuwe rode bloedcellen gevorm in het rode beenmerg.
Als je niet genoeg ijzer in je dieet hebt, kan je lichaam niet genoeg rode bloedcellen aanmaken, waardoor je bloedarmoede kunt ontwikkelen. Omdat er dan minder zuurstof vervoerd kan worden, voelen mensen met bloedarmoede zich vaak moe.
Witte bloedcellen: De verdedigers
Witte bloedcellen hebben wel een celkern, maar geen vaste vorm. Dit is handig zodat ze makkelijk in en uit bloedvaten kunnen. Witte bloedcellen zijn de verdedigers van ons lichaam en bestrijden ziekteverwekkers en lichaamsvreemde stoffen. Er zijn echter verschillende typen witte bloedcellen, waarvan sommige voornamelijk ziekteverwekkers bestrijden door antistoffen te maken. Een ander type witte bloedcel bestrijdt bacteriën door ze in te sluiten en te doden, hierbij sterft de witte bloedcel ook. Er ontstaat etter of pus bestaande uit dus dode witte bloedcellen en gedode bacteriën.

Bij leukemie (bloedkanker) worden er te veel onrijpe witte bloedcellen door het rode beenmerg geproduceerd, waardoor er minder rode bloedcellen en bloedplaatjes kunnen worden aangemaakt.

Wat zijn bloedplaatjes?
Bloedplaatjes zijn geen volledige cellen (geen celkern), maar delen van uiteengevallen cellen die stoffen bevatten die cruciaal zijn voor de bloedstolling. Wanneer een bloedvat wordt beschadigd zullen eerst de spiertjes in het bloedvat samentrekken om het bloedverlies tegen te gaan. Vervolgens hopen de bloedplaatjes zich op de plaats van de beschadiging om een klompje te vormen. Dit klompje geeft vervolgens stoffen vrij die fibrinogeen uit het bloedplasma omzetten in fibrine, dat fibrinedraden vormt waar rode bloedcellen aan blijven plakken. Deze draden maken uiteindelijk een korstje, dat de wond afdekt.

Een korstje dient als bescherming voor een helende wond. Wanneer je het openkrabt, kan het genezingsproces opnieuw beginnen en kunnen ziekteverwekkers de wond mogelijk gaan infecteren.
Wat is trombose?
Soms stolt het bloed in onze bloedvaten en ontstaat er een bloedstolsel, dat de bloedbaan kan blokkeren. Dit fenomeen wordt trombose genoemd.














