Supermuis
Een onderzoeksteam van de Case Western Reserve University in Cleveland heeft tot zijn eigen verbazing supermuizen gecreëerd. Dit was een resultaat van een onderzoek naar de werking van het enzym PEPCK (fosfoënolpyruvaat carboxykinase) in spiercellen.
PEPCK maakt omzetting van aminozuren in glucose (gluconeogenese) in een cel mogelijk. Gluconeogenese vindt bij muizen, net als bij mensen, vooral in de lever plaats en niet in de spieren.
Voor het onderzoek werd een gen geconstrueerd uit DNA-onderdelen van verschillende organismen:
•een promotor van het actine-gen;
•PEPCK-cDNA (copy DNA), gemaakt met als matrijs mRNA dat codeert voor het enzym PEPCK;
•een poly-A-staart, afkomstig van het gen voor groeihormoon.
Afbeelding 1 is een schematische weergave van dit genconstruct.

Dit genconstruct werd door middel van micro-injectie in zojuist bevruchte eicellen van muizen gebracht. De hieruit gegroeide genetisch gemodificeerde muizen produceren in het cytoplasma van hun spiercellen ruim honderd maal zoveel van het enzym PEPCK als normale muizen. De genetisch gemodificeerde muizen lopen met gemak 6 kilometer op een loopband, terwijl normale muizen na 200 meter al afhaken. Ook op andere fronten presteren deze supermuizen beter: ze eten veel meer zonder dik te worden en daarbij worden ze ook nog eens veel ouder dan normale muizen. De onderzoekers proberen te achterhalen hoe het komt dat de supermuizen tot zulke prestaties in staat zijn.
Vraag:
Bij het maken van het cDNA op basis van mRNA wordt een enzym gebruikt dat afkomstig is van een bepaald type virussen.
Wat is de naam van dit enzym?













