Vraag 21
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
09:41 / 15:24·Vraag 21
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Slaag gegarandeerd met ExamenBoost
  • Oefen examens van de afgelopen 5 jaar met extra uitleg door docenten bij examenvragen
  • Extra uitleg en oefenen voor elk onderwerp uit je examen
  • Stel vragen en krijg direct antwoord
2 punten
Open vraag

Nijlpaarden eten op het land, maar poepen in het water. Ecologen wilden weten wat het effect hiervan is op ecosystemen in Colombia. Ze deden onderzoek in meren met nijlpaarden en in meren zonder nijlpaarden.

De ecologen bepaalden daar van kleine organische moleculen:

de verhouding tussen de koolstofisotopen${ }^{13} \mathrm{C}en${ }^{12} \mathrm{C}

de verhouding tussen de stikstofisotopen${ }^{15} \mathrm{~N}en${ }^{14} \mathrm{~N}

De verhouding${ }^{13} \mathrm{C} /{ }^{12} \mathrm{C}verschilt tussen plantensoorten als gevolg van een verschil in fotosynthese. In gematigde streken zijn de meeste plantensoorten C3 -planten. Het$\mathrm{CO}_{2}-fixerende enzym van C3 -planten bindt voornamelijk$\mathrm{CO}_{2}met de lichtere koolstofisotoop.

C4-planten groeien alleen op land, en komen vaker voor in tropische gebieden zoals in Afrika en Colombia. Deze planten maken gebruik van een$\mathrm{CO}_{2}-fixerend enzym dat minder onderscheid maakt tussen de twee isotopen.

Uit de verhouding${ }^{15} \mathrm{~N} /{ }^{14} \mathrm{~N}van organische stoffen is af te leiden van welk trofisch niveau deze stoffen afkomstig zijn.

In afbeelding 3 is de relatie tussen de verhouding${ }^{13} \mathrm{C} /{ }^{12} \mathrm{C}en de verhouding${ }^{15} \mathrm{~N} /{ }^{14} \mathrm{~N}weergegeven op drie trofische niveaus in twee voedselketens: een voedselketen gebaseerd op C3-planten en een voedselketen gebaseerd op C4-planten.

afbeelding 3
afbeelding 3

Het$\mathrm{CO}_{2}-fixerende enzym van C3-planten bindt$\mathrm{CO}_{2}, waardoor een C3 molecuul gevormd wordt.


Organismen die hoger in de voedselketen staan, bevatten relatief meer${ }^{15} \mathrm{~N}.


De resultaten van de bepalingen van de verhouding${ }^{13} \mathrm{C} /{ }^{12} \mathrm{C}en de verhouding${ }^{15} \mathrm{~N} /{ }^{14} \mathrm{~N}in de Colombiaanse meren zijn weergegeven in afbeelding 4. Elk bolletje geeft het gemiddelde aan van watermonsters die genomen zijn in een bepaald meer.

afbeelding 4
afbeelding 4

Beredeneer dat de metingen (afbeelding 4) een ondersteuning zijn voor de hypothese dat de nijlpaarden plantaardig materiaal van het land naar het water verplaatsen.

Op deze pagina behandelen we vraag 21 van het centraal examen biologie vwo 2025 tijdvak 1. Deze vraag is onderdeel van De nijlpaarden van Pablo Escobar, en is 2 punten waard.

Je kunt hier zelf het antwoord invullen en vervolgens direct de uitwerking en uitleg bekijken.

Daarnaast kun je:

  • Oude antwoorden terugzien
  • Extra uitleg vragen aan onze AI-hulp via de knop "Stel je vraag"
  • De uitlegvideo van docent Edzard bekijken (video spoelt automatisch door naar het juiste moment)
  • Klikken op de bijbehorende onderwerpen uit de examenroute om verdieping te vinden