Soepschildpadden leven in gebieden rond de evenaar. Ze zijn van hun twintigste tot dertigste levensjaar geslachtsrijp. De paring van soepschildpadden vindt plaats in de zee. Na de paring gaan de vrouwtjes terug naar het strand waar ze zelf uit het ei zijn gekomen. Ze leggen daar meerdere keren per jaar ongeveer 75 eieren en bedekken die met zand. Nadat de jongen uit het ei zijn gekomen, rennen ze naar zee.
Bij soepschildpadden wordt het geslacht bepaald door de temperatuur van de eieren tijdens de ontwikkeling van het embryo. Bij hogere temperaturen komen er vaker vrouwtjes uit de eieren, bij lagere temperaturen komen er vaker mannetjes uit de eieren.


Natuurbeschermers op het eiland Sint Eustatius doen onderzoek naar de gevolgen van het opwarmen van de aarde. Ze bepaalden de gemiddelde temperatuur van het zand in de nesten. Dat deden ze aan de koele en aan de warme kant van het eiland, tijdens de koude periode en de warme periode van het jaar. Ze bepaalden het percentage mannetjes en vrouwtjes uit verschillende nesten. In tabel 1 staan de resultaten.
tabel 1
periode | plaats | gemiddelde zandtemperatuur | percentage man | percentage vrouw |
|---|---|---|---|---|
winter | koele kant | $27^{\circ} \mathrm{C} | 90 | 10 |
winter | warme kant | $29^{\circ} \mathrm{C} | 40 | 60 |
zomer | koele kant | $30^{\circ} \mathrm{C} | 15 | 85 |
zomer | warme kant | $32^{\circ} \mathrm{C} | 3 | 97 |



