Anna gaat met een groep klimmers onder leiding van een ervaren gids de Mont Blanc (afbeelding 1) beklimmen. Om de kans op hoogteziekte te verkleinen, beklimmen ze eerst enkele lagere bergen in de omgeving.

Hoogteziekte ontstaat doordat lucht op grote hoogte minder zuurstof bevat dan lucht op zeeniveau. Hierdoor wordt minder zuurstof ingeademd en daalt de hoeveelheid zuurstof in het bloed.Klachten bij milde hoogteziekte zijn hoofdpijn, kortademigheid en misselijkheid. Bij ernstige hoogteziekte is er sprake van long- en hersenoedeem, wat levensbedreigend kan zijn.Voor de beklimming van de Mont Blanc wordt een aantal dagen uitgetrokken. Na twee dagen bereikt de groep een hoogte van 3835 meter. Anna merkt dat ze hijgt: ze ademt veel vaker en dieper in en uit dan normaal, zelfs als ze zich nauwelijks inspant. |

