Les over 6 De oren

Les over 6 De oren

Gemaakt door Ainstein
6 De oren
Deze video bestaat uit
  • Het oorHet oor
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 06:00
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Hoe werken de oren en hoe nemen we geluidstrillingen waar?

Leerdoelen

Je kunt uitleggen wat geluid is en hoe toonhoogte en geluidssterkte worden bepaald.

Je kunt de onderdelen van het oor en hun functies benoemen.

Je kunt de weg van een geluidstrilling door het oor tot aan de hersenen beschrijven.

Je kunt de functie van de buis van Eustachius en het evenwichtsorgaan uitleggen.

Wat is geluid?

Geluiden zijn trillingen van de lucht. Wanneer een voorwerp trilt, gaan de luchtdeeltjes in de omgeving ook trillen. Deze trillende deeltjes duwen tegen andere deeltjes aan, waardoor de trilling zich in alle richtingen verspreidt. We onderscheiden verschillende kenmerken van geluid:

Toonhoogte: Als de lucht snel trilt, horen we een hoge toon. Als de lucht langzaam trilt, horen we een lage toon. Welke toonhoogten je nog hoort, hangt onder andere af van je leeftijd; als je ouder wordt, kun je steeds minder goed hoge tonen horen.

Geluidssterkte: Dit is het volume van het geluid. Als de trillingen een grote uitslag hebben, is het geluid hard. Bij een kleine uitslag is het geluid zacht.

Visualisatie van geluidstrillingen: zacht versus hard geluid en een lage versus hoge toon
Visualisatie van geluidstrillingen: zacht versus hard geluid en een lage versus hoge toon

Geluidssterkte in decibel

De sterkte van geluid wordt gemeten in de eenheid decibel (dB). De schaal van decibel is logaritmisch. Dit betekent dat een verhoging van de geluidssterkte met 10 dB betekent dat het geluid 10 keer zo sterk wordt. Een verhoging van 20 dB maakt het geluid dus 100 keer zo sterk (10 × 10).

Geluiden vanaf 80 dB kunnen leiden tot gehoorbeschadiging.

Geluiden vanaf 130 dB bereiken de pijngrens en veroorzaken hevige oorpijn.

Decibelschaal met voorbeelden van geluidsbronnen en de grenzen voor gehoorschade en pijn
Decibelschaal met voorbeelden van geluidsbronnen en de grenzen voor gehoorschade en pijn

Bij langdurige blootstelling aan te harde geluiden kunnen de zintuigcellen in het oor beschadigd raken. Dit kan leiden tot tinnitus, waarbij je constant een piep of ruis hoort.

Schematische weergave van tinnitus waarbij beschadigde zintuigcellen onjuiste signalen doorgeven
Schematische weergave van tinnitus waarbij beschadigde zintuigcellen onjuiste signalen doorgeven

Bouw en werking van het oor

Het oor is een complex orgaan dat grotendeels diep in de schedel ligt. Het bestaat uit verschillende onderdelen die samenwerken om geluid op te vangen en te verwerken.

Doorsnede van het menselijk oor met alle belangrijke onderdelen aangegeven
Doorsnede van het menselijk oor met alle belangrijke onderdelen aangegeven

De weg die geluidstrillingen afleggen door het oor verloopt in een vaste volgorde:

1.De oorschelp vangt de geluidstrillingen op uit de omgeving.

2.Via de gehoorgang worden de trillingen naar binnen geleid. In de gehoorgang liggen oorsmeerkliertjes die oorsmeer produceren. Dit oorsmeer houdt het trommelvlies soepel.

3.Het trommelvlies wordt door de binnenkomende geluidstrillingen in beweging gebracht en gaat trillen.

4.Achter het trommelvlies ligt de trommelholte (ook wel het middenoor genoemd). Hierin liggen de drie gehoorbeentjes: de hamer, het aambeeld en de stijgbeugel. De hamer zit vast aan het trommelvlies en geeft de trilling via het aambeeld door aan de stijgbeugel.

5.De stijgbeugel drukt tegen het venster, een dun vlies in de wand van het slakkenhuis.

6.Het slakkenhuis bestaat uit drie met vloeistof gevulde kanalen die als een spiraal zijn opgerold. Door de trilling van het venster gaat de vloeistof in deze kanalen trillen.

7.In het middelste kanaal van het slakkenhuis liggen zintuigcellen met fijne haartjes. Wanneer de vloeistof trilt, bewegen deze haartjes mee. Door deze beweging ontstaan er impulsen (elektrische signalen) in de zintuigcellen.

8.De gehoorzenuw geleidt deze impulsen ten slotte naar de hersenen, waar je je bewust wordt van het geluid.

Luchtdruk en de buis van Eustachius

Om het trommelvlies goed te kunnen laten trillen, moet de luchtdruk aan beide kanten van het vlies gelijk zijn. De trommelholte staat via de buis van Eustachius in verbinding met de keelholte. Normaal gesproken zijn de wanden van deze buis tegen elkaar aangedrukt. Tijdens slikken of gapen gaat de buis van Eustachius even open. Hierdoor kan er lucht van de keelholte naar de trommelholte stromen (of andersom), zodat de luchtdruk aan weerszijden van het trommelvlies gelijk blijft.

Het evenwichtsorgaan

In het oor ligt naast het gehoorzintuig ook het evenwichtsorgaan. Dit orgaan bestaat uit drie kanalen die loodrecht op elkaar staan en gevuld zijn met vloeistof. Wanneer je je hoofd beweegt, gaat de vloeistof in deze kanalen stromen. Hierdoor buigen de haartjes van de evenwichtszintuigen om, wat leidt tot het ontstaan van impulsen die naar de hersenen worden gestuurd. Zo kun je je evenwicht bewaren als je beweegt of op één been staat.