Les over 1 Het zenuwstelsel

Les over 1 Het zenuwstelsel

Gemaakt door Ainstein
1 Het zenuwstelsel
Deze video bestaat uit
  • Het zenuwstelselHet zenuwstelsel
  • Hoe komt gedrag tot stand?Hoe komt gedrag tot stand?
Verberg docent
Afspelen
Geluid uitzetten
Afspeelsnelheid
00:00 / 06:12
Ondertiteling/CC
Instellingen
Volledig scherm
Presenter poster
Onderwerpen in deze video
Meer informatie

Hoe werkt het zenuwstelsel en wat zijn impulsen precies?

Leerdoelen

Je kunt de delen en de functies van het zenuwstelsel noemen.

Je kunt uitleggen hoe prikkels en impulsen zorgen voor de verwerking van informatie.

Je kunt het verschil tussen inwendige en uitwendige prikkels uitleggen en voorbeelden noemen.

Je kunt beschrijven hoe gedrag tot stand komt door een combinatie van prikkels en handelingen.

De bouw van het zenuwstelsel

Het zenuwstelsel is het systeem in ons lichaam dat informatie opvangt, verwerkt en reacties aanstuurt. Het bestaat uit twee hoofddelen: het centrale zenuwstelsel en de zenuwen. Het centrale zenuwstelsel is verantwoordelijk voor het verwerken van alle informatie en bestaat uit de volgende vier delen:

De grote hersenen

De kleine hersenen

De hersenstam

Het ruggenmerg

De zenuwen vormen de verbindingen tussen het centrale zenuwstelsel en alle andere delen van het lichaam, zoals de spieren en de zintuigen.

Schematische weergave van het menselijk zenuwstelsel met het centrale zenuwstelsel en de zenuwen
Schematische weergave van het menselijk zenuwstelsel met het centrale zenuwstelsel en de zenuwen

De werking van het zenuwstelsel

Het zenuwstelsel verwerkt voortdurend informatie uit je omgeving en uit je eigen lichaam. Dit proces verloopt in een aantal vaste stappen:

1.Informatie uit de omgeving of het lichaam wordt opgevangen als een prikkel. Een prikkel is een verandering in de omgeving of in je lichaam waarvoor je gevoelig bent.

2.Deze prikkels komen binnen bij een zintuig (zoals je ogen, oren of neus). In de zintuigcellen van dit zintuig wordt de prikkel omgezet in een impuls. Een impuls is een elektrisch signaal dat door zenuwen kan worden doorgegeven.

3.De impulsen gaan via de zenuwen naar de hersenen. De hersenen verwerken deze impulsen, waardoor je je bewust wordt van wat je waarneemt (zoals een geur of een beeld).

4.De hersenen reageren hierop door nieuwe impulsen te versturen via de zenuwen naar spieren of klieren.

5.De spieren reageren op de impulsen door samen te trekken, waardoor je in actie kunt komen. De klieren zijn organen die bepaalde stoffen produceren (zoals speeksel of zweet) en reageren door deze stoffen af te scheiden.

Het zenuwstelsel regelt dus niet alleen de verwerking van informatie, maar zorgt er ook voor dat je lichaam gepast kan reageren op veranderingen.

De weg van een prikkel naar een impuls in de hersenen en de uiteindelijke reactie van spieren of klieren
De weg van een prikkel naar een impuls in de hersenen en de uiteindelijke reactie van spieren of klieren

Inwendige en uitwendige prikkels

We maken onderscheid tussen twee soorten prikkels:

Een uitwendige prikkel is een prikkel die van buiten het lichaam komt en die je met je zintuigen opvangt. Voorbeelden hiervan zijn het licht van een stoplicht, een hard geluid of de geur van eten.

Een inwendige prikkel is een verandering die in het lichaam zelf ontstaat. Voorbeelden hiervan zijn honger, dorst of angst.

Bij inwendige prikkels spelen hormonen een grote rol. Hormonen zijn boodschapperstoffen die door het lichaam worden getransporteerd. Wanneer je maag bijvoorbeeld leeg is, wordt er een hormoon geproduceerd dat via de bloedvaten naar de hersenen reist, waardoor je een gevoel van honger krijgt.

Gedrag en handelingen

Alles wat een mens of dier doet, noemen we gedrag. Gedrag komt vaak tot stand door een combinatie van inwendige en uitwendige prikkels. Een voorbeeld hiervan is het pikgedrag van een meeuwenjong:

De rode vlek op de snavel van de ouder is de uitwendige prikkel voor het jong om te pikken.

Het jong vertoont dit pikgedrag echter alleen als het honger heeft. Honger is de inwendige prikkel die zorgt voor de motivatie om te pikken.

Een meeuw met een rode vlek op de snavel die dient als uitwendige prikkel voor het jong
Een meeuw met een rode vlek op de snavel die dient als uitwendige prikkel voor het jong

Gedrag is opgebouwd uit een groot aantal samenhangende handelingen. Dit zijn opeenvolgende acties die samen één gedrag vormen. Wanneer een hond bijvoorbeeld naar zijn baas toe komt als hij geroepen wordt, bestaat dit gedrag uit de handelingen: oren spitsen, de kop draaien, opstaan en naar de baas toe lopen.