Noem drie oorzaken van watertekorten en droogte.
Leerdoelen
•Je kunt benoemen waar watertekorten in Nederland optreden en welke gevolgen deze hebben.
•Je kunt uitleggen welke maatregelen genomen kunnen worden om watertekorten in de toekomst te voorkomen of te verminderen.
•Je kunt analyseren hoe de strategische zoetwatervoorraad, zoals in het IJsselmeer, op peil gehouden kan worden bij toenemende droogteperiodes.
Waar komt ons zoetwater vandaan?
Nederland lijkt een waterrijk land, maar het beschikbare zoetwater komt uit een beperkt aantal bronnen. Het grootste deel stroomt Nederland binnen via grote rivieren. Daarnaast levert neerslag een belangrijke bijdrage. Regenwater kan in de bodem infiltreren en zo het grondwater aanvullen.
Ook gezuiverd rioolwater kan opnieuw worden gebruikt als bron van zoetwater. Een deel van het beschikbare zoetwater wordt opgeslagen voor later gebruik; dit noemen we de strategische zoetwatervoorraad. In Nederland bevindt deze voorraad zich vooral in het IJsselmeer en in de Zuidwestelijke Delta. Deze gebieden zijn omgeven door dijken en waterwerken zoals sluizen, stuwen en dammen. Daardoor kan de waterstand hier goed worden geregeld.
Waarvoor gebruiken we zoetwater?
Veel mensen denken dat zoetwater vooral voor drinkwater wordt gebruikt. In werkelijkheid is dit maar een klein deel van het totale watergebruik.
Het grootste verbruik komt van andere sectoren:
•Landbouw: water voor irrigatie tijdens droge periodes en voor het tegengaan van verzilting
•Natuurgebieden: planten en dieren zijn afhankelijk van een bepaalde hoeveelheid water
Als natuurgebieden te droog worden, veranderen de plantensoorten. Daardoor verdwijnen soms ook diersoorten die van die planten afhankelijk zijn.
Klimaatverandering en onregelmatige neerslag
Een belangrijke reden voor de toenemende zorgen over droogte is klimaatverandering. Door de opwarming van de aarde veranderen de neerslagpatronen.
De neerslag wordt steeds onregelmatiger:
•Winters en herfsten kunnen extreem nat zijn
•In het voorjaar en de zomer komen langere droge periodes voor
Een voorbeeld is de natte winter van 2023–2024 en de droge periodes in het voorjaar en de zomer van 2022. Deze combinatie zorgt ervoor dat water soms in korte tijd overvloedig aanwezig is, maar later juist ontbreekt.
De invloed van menselijk handelen
De manier waarop Nederland is ingericht, heeft grote invloed op de beschikbaarheid van zoetwater. Twee belangrijke factoren zijn verstedelijking en grootschalige landbouw.
Verstedelijking
Bij de groei van steden is veel natuur verdwenen. Dit wordt vaak samengevat onder ontbossing. Steden bestaan grotendeels uit asfalt, beton en gebouwen. Dit noemen we verstening. Daarnaast is er uitgebreide riolering aangelegd om regenwater en afvalwater snel af te voeren. Het gevolg hiervan is dat regenwater minder goed in de bodem kan infiltreren. In plaats daarvan stroomt het via het riool snel naar rivieren. Daardoor wordt het grondwater minder aangevuld en kan de grondwaterstand dalen.
Grootschalige landbouw
Ook voor landbouw is veel natuur verdwenen. Om grote landbouwpercelen te maken, zijn veel natuurlijke waterlopen verwijderd of rechtgetrokken. Kronkelende beken en kleine rivieren zijn vaak vervangen door rechte sloten. Hierdoor stroomt water sneller uit het gebied weg. Daarnaast gebruikt de landbouw veel water voor irrigatie, vooral tijdens droge periodes. Samen zorgt dit voor een hoog waterverbruik en een snellere afvoer van water, waardoor minder water in de bodem kan worden opgeslagen.
Problemen met grondwaterstand
De grondwaterstand is in Nederland erg belangrijk voor de landbouw. Zowel een te hoge als een te lage grondwaterstand kan problemen veroorzaken.
Te hoge grondwaterstand
Als het grondwater dicht onder het oppervlak ligt, wordt de bodem erg nat. Dat is ongunstig voor veel gewassen. Wortels kunnen gaan rotten en landbouwmachines kunnen moeilijk het land op. Boeren lossen dit vaak op door water uit het gebied weg te pompen en via sloten af te voeren.
Te lage grondwaterstand
Een te lage grondwaterstand betekent dat planten onvoldoende water kunnen opnemen. Daardoor groeien gewassen minder goed en daalt de oogstopbrengst. De oplossing is vaak irrigatie, waarbij water op het land wordt gesproeid.
Gevolgen van droogte en watertekort
Watertekorten hebben gevolgen voor zowel de natuur als de economie.
Natuurlijke (fysische) dimensie
Belangrijke gevolgen zijn:
•Bodemdaling: vooral in veen- en kleigebieden waar de bodem krimpt bij droogte
•Verzilting: zout water uit zee of uit diepere bodemlagen kan omhoog komen
•Verdroging: een bodem kan zo droog worden dat hij nauwelijks nog water opneemt
•Aantasting van biodiversiteit: planten en dieren verdwijnen wanneer hun leefomgeving te droog wordt
Economische dimensie
Ook economisch heeft droogte grote gevolgen:
•Lagere landbouwopbrengsten
•Problemen voor de scheepvaart door lage waterstanden in rivieren
•Hoge kosten voor maatregelen tegen bodemdaling en verzilting
Bij lage rivierstanden moeten schepen vaak via sluizen langs stuwen varen. Dit kost extra tijd en geld.
Regionale verschillen in Nederland
De gevolgen van droogte verschillen per gebied. In Nederland wordt vaak onderscheid gemaakt tussen Laag Nederland en Hoog Nederland.
Laag Nederland
Laag Nederland bestaat vooral uit kustgebieden en polders met veen- en kleibodems. Hier wonen veel mensen, onder andere in de Randstad.
Belangrijke problemen zijn:
•Snellere bodemdaling
•Verzilting, vooral in polders in Zuid-Holland, Noord-Holland en Zeeland
Hoog Nederland
Hoog Nederland ligt vooral in het oosten en zuiden van het land en heeft voornamelijk zandbodems. Hier is het grootste probleem verdroging. De bodem kan zo droog worden dat gewassen moeilijk groeien.
De strategische zoetwatervoorraad
Om watertekorten op te vangen, gebruikt Nederland een strategische zoetwatervoorraad. Deze bevindt zich vooral in het IJsselmeer en de Zuidwestelijke Delta. Met behulp van dijken, sluizen, stuwen en dammen kan de waterstand in deze gebieden worden geregeld. Het water wordt vooral gebruikt voor irrigatie tijdens droge periodes.
Dilemma's bij het beheer
Het beheer van deze watervoorraad is ingewikkeld.
•Bij een lage waterstand in het IJsselmeer kan er minder water naar andere regio’s worden geleid, zoals de Zuidwestelijke Delta
•Bij een hoge waterstand kan de rivier de IJssel zijn water niet goed kwijt, wat overstromingen kan veroorzaken in steden zoals Kampen, Zwolle, Zutphen en Deventer
Hierdoor moet voortdurend een balans worden gezocht tussen het opslaan van water en het voorkomen van overstromingen.
Nieuwe strategie: water vasthouden en bergen
In het verleden lag de nadruk vooral op het snel afvoeren van water om overstromingen te voorkomen. Door toenemende droogte verschuift de strategie steeds meer naar water vasthouden en bergen. Dit betekent dat water langer in het landschap wordt opgeslagen, zodat het later gebruikt kan worden.
Oplossingen op nationaal en regionaal schaalniveau
Op grotere schaal worden verschillende maatregelen genomen.
Belangrijke maatregelen zijn:
•Tegengaan van verzilting door aanpassingen aan dijken en dammen
•Hogere grondwaterstanden, zodat meer water in de bodem wordt opgeslagen
•Verbetering van de bodemstructuur, bijvoorbeeld door kleibodems te mengen met zand
•Zouttolerante gewassen telen in gebieden waar verzilting moeilijk te voorkomen is
Veel van deze maatregelen worden uitgevoerd binnen de Deltaprogramma’s voor zoetwater, waarin overheden plannen maken voor waterbeheer in periodes van ongeveer vijf jaar.
Oplossingen op lokaal schaalniveau
In steden en dorpen
In stedelijke gebieden ligt de nadruk op het vasthouden van regenwater.
Maatregelen zijn onder andere:
•Minder verstening door meer groen
•Groene daken en extra beplanting
•Regenwater minder snel naar het riool afvoeren
•Aanleg van wadi’s en waterpleinen waar water tijdelijk kan worden opgeslagen en in de bodem kan infiltreren
•Wateropslag in bassins, bijvoorbeeld bij tuinbouwbedrijven
Op het platteland
Ook in landelijke gebieden kan water beter worden vastgehouden.
Voorbeelden van maatregelen:
•Aanleg van bassins, poelen en kleine stuwmeertjes
•Kleine stuwen in sloten om water tijdelijk vast te houden
•Herstel van natuurlijke beken en meanderende rivieren
Een voorbeeld hiervan is een project bij de rivier de Dinkel in Twente. Daar zijn harde oevers verwijderd, zodat de rivier weer kan meanderen. Hierdoor blijft water langer in het gebied aanwezig.
De toekomst van de strategische zoetwatervoorraad
Om de strategische watervoorraad in de toekomst op peil te houden, zijn verschillende maatregelen mogelijk.
Technische maatregelen zijn bijvoorbeeld:
•Onderhoud, vernieuwing en eventueel verhoging van dijken, stuwen en dammen
•Betere controle van de waterkwaliteit en het tegengaan van kwelwater
Daarnaast kan de vraag naar water worden verminderd:
•Een hogere grondwaterstand, zodat minder irrigatie nodig is
•Het telen van gewassen die minder water nodig hebben of beter groeien bij een hogere grondwaterstand













