Wat is de betekenis van het woord 'mestiezen'?
Leerdoelen
•Je kunt uitleggen hoe de diversiteit aan volken in Zuid-Amerika is ontstaan.
•Je kunt uitleggen hoe de verschillende groepen migranten in (verschillende) landen in Zuid-Amerika terecht zijn gekomen.
•Je kunt uitleggen wat de etniciteit met ongelijkheid te maken heeft.
•Je kunt uitleggen welke problemen het gevolg kunnen zijn van die ongelijkheid.
Bevolkingsspreiding en natuurlijke omstandigheden
In Zuid-Amerika zie je grote verschillen in waar mensen wonen. Deze verdeling van mensen over een bepaald gebied noemen we de bevolkingsspreiding. Het aantal mensen dat in een bepaalde eenheid van oppervlakte woont, is de bevolkingsdichtheid. Een belangrijke oorzaak hiervan is de natuurlijke omstandigheden, zoals het reliëf en het klimaat. Het steile Andesgebergte in het westen van Zuid-Amerika is een gebied waar het moeilijk is om je te vestigen. Het klimaat in deze bergachtige gebieden is vaak ongunstiger. Hierdoor concentreert de bevolking zich vaker in de lagere delen van de Andes.
Bij bevolkingsconcentraties moet er altijd naar de draagkracht gekeken worden. Dit is de mate waarin een gebied de bevolking kan ondersteunen zonder schade aan te richten aan het milieu. Als er meer mensen zijn dan wat de natuurlijke omstandigheden van een gebied aankan, is er sprake van bevolkingsdruk. Bevolkingsdruk kan grote zichtbare gevolgen hebben, zoals de bodemkwaliteit en de beschikbaarheid van water.
Ook de bereikbaarheid van een gebied speelt een rol. De ligging aan de kust en aan rivieren was waar de meeste mensen zich vestigden en zijn dus van groot belang. Het is er meestal vlak, dus makkelijk voor landbouw en het bouwen van huizen. Kolonisten vestigden zich dan ook vooral in de kustgebieden. De zuidelijke punt van Zuid-Amerika was in het verleden moeilijk bereikbaar door kou en ijsgang, en het Panamakanaal bestond nog niet. Hierdoor was er geen kortere route, wat bijdroeg aan de concentratie van inheemse bevolking in moeilijk bereikbare gebieden, zoals de Andeslanden. Hoe moeilijker een gebied te bereiken is, hoe hoger het percentage inheemse bevolking. Dat effect is tegenwoordig nog steeds zichtbaar.

Bevolkingssamenstelling en historische ontwikkeling
Zuid-Amerika kenmerkt zich door een enorme diversiteit in bevolkingssamenstelling. Er zijn veel inheemse volken, maar ook veel bevolkingsgroepen die later zijn gekomen, bijvoorbeeld via kolonisatie en slavernij.
Kolonisatie en migratiepatronen
Vanaf 1500 vestigden Spaanse en Portugese kolonisten zich in Zuid-Amerika, vooral om grondstoffen zoals goud en zilver te halen. Ze vestigden zich in de kustgebieden, waar het vlak en vruchtbaar was, ideaal voor plantagelandbouw. Voor het ontginnen van het land en het werken op de plantages werd een beroep gedaan op slavernij.
Na 1850, met de opkomst van de industriële revolutie in Europa, kwamen er ook andere migrantengroepen naar Zuid-Amerika.
•Europese migranten: boeren die in Europa door industrialisatie minder werk hadden in de landbouw en in Zuid-Amerika nieuwe mogelijkheden zagen.
•Aziatische migranten: Aziaten kwamen vaak op contractbasis als vervangers voor slaafgemaakten, met name aan de westkust.
Ontstaan van mengvolken en etnische diversiteit
De kolonisten hebben zich vermengd met de inheemse bevolking en de slaafgemaakte bevolking. Hierdoor ontstonden mengvolken:
•Mestiezen: afstammelingen van inheemse en Europese bevolking.
•Mulatten: afstammelingen van zwarte (slaafgemaakte) en Europese bevolking. Het proces van menging tussen inheemse en Europese bevolking wordt ook wel mestizering genoemd.
Deze vermenging heeft geleid tot een grote etnische en culturele diversiteit op het hele continent. Er ontstonden raciale tegenstellingen die vandaag de dag nog steeds zichtbaar zijn en zich uiten in ongelijkheid. Om de communicatie tussen al deze groepen binnen een land te vergemakkelijken is lingua franca van belang. Dit is een gemeenschappelijke taal die wordt gebruikt om communicatie tussen mensen met verschillende moedertalen mogelijk te maken. In Zuid-Amerika is dit overwegend Spaans, en in Brazilië is dit Portugees. Er zijn ook enkele landen met andere talen.
Etniciteit en welvaart
In Zuid-Amerika bepaalt de afkomst en dus de huidskleur voor een groot deel je maatschappelijke positie, je kansen op welvaart, en je ontwikkelingskansen. De algemene trend is: hoe donkerder de huid, hoe lager de maatschappelijke positie en hoe minder welvaart. Dit geldt voor zowel de inheemse bevolking als voor mengvolken zoals mestiezen en mulatten.
Gevolgen van minder welvaart
Minder welvaart heeft verschillende ingrijpende gevolgen voor het dagelijks leven:
•Slechtere huisvesting: mensen met minder welvaart kunnen vaak geen huis kopen en creëren hun eigen huisvesting, vaak in geïmproviseerde nederzettingen zoals favela’s. Deze liggen vaak op minder gunstige plekken, zoals steile hellingen, en brengen risico's met zich mee.
•Lagere levensverwachting: het gebrek aan goede zorg leidt vaak tot een lagere levensverwachting.
•Minder ontwikkelingskansen: de toegang tot kwalitatief goed onderwijs is vaak slecht, waardoor er minder mogelijkheden zijn om zich te ontwikkelen.
•Minder kans op werk in de formele sector: door een lager opleidingsniveau hebben mensen minder kans op een stabiele baan in de formele economie.
•Groei van de informele sector: om toch in hun levensonderhoud te voorzien, werken veel mensen in de informele sector. Een onvermijdelijk onderdeel hiervan, vooral in gebieden met grote ongelijkheid, is de drugshandel, wat leidt tot drugscriminaliteit.

Ongelijkheid op nationaal en internationaal niveau
Deze ongelijkheid is zowel op nationaal als op internationaal niveau zichtbaar. Op nationaal niveau zijn zwarte of mulatte bevolkingsgroepen vaak armer dan de Europese bevolking. Op internationaal niveau geldt dat landen met een groter aandeel Europese bevolking over het algemeen welvarender zijn. In afbeelding 1 en grafiek 1 is dit verband duidelijk te zien. Waar het aandeel van de Europese bevolking het grootst is, is het welvaartsniveau ook het grootst. Landen waar het aandeel van de inheemse bevolking het grootst is, is de welvaart lager. Dit is duidelijk te zien als je Chili of Brazilië met Peru en Bolivia vergelijkt.














