Leerdoelen
•Je kunt kenmerken van het weer in Spanje benoemen.
•Je kunt benoemen welke klimaatkenmerken Spanje heeft en deze verklaren.
•Je kunt het verband tussen het Spaanse klimaat en het agrarisch bodemgebruik uitleggen.
Welke kenmerken heeft het weer in Spanje?
Het weer en klimaat in Spanje verschillen tussen zomer en winter. In de zomer zijn er aan de oostkust vaak hogedrukgebieden. Hogedrukgebieden zijn gebieden waar de luchtdruk hoog is, wat vaak leidt tot droog, zonnig weer met hoge temperaturen. Vooral in juli en augustus is het in grote delen van Spanje warm en droog. In de winter trekt het hogedrukgebied meer naar het zuiden. Lagedrukgebieden, gebieden waar de luchtdruk laag is, komen dan vanuit het westen (Portugal) het land binnen. Deze lagedrukgebieden zorgen voor neerslag en koelere temperaturen.
De neerslagverdeling in Spanje is niet gelijkmatig. Neerslagverdeling is de hoeveelheid neerslag die over het jaar verspreid valt. In Spanje is het in de zomer erg droog en in de winter regent het meer. Ook de neerslagintensiteit is verschillend. Neerslagintensiteit is de hoeveelheid neerslag die valt per tijdseenheid, bijvoorbeeld hoeveel neerslag er in een uur valt.

Klimaten van Spanje
Spanje kent vier verschillende klimaten.
•Het hooggebergteklimaat bevindt zich in het noordoosten, in de Pyreneeën. Een hooggebergteklimaat is een klimaat dat voorkomt in hooggebergten, gekenmerkt door lage temperaturen en vaak veel neerslag.
•Het gematigd zeeklimaat ligt aan de noordwestkust. Een gematigd zeeklimaat wordt beïnvloed door de nabijheid van de zee, met milde zomers en winters en neerslag gedurende het hele jaar.
•Het steppeklimaat is te vinden in drogere, centraal gelegen delen van Spanje. Een steppeklimaat is een droog klimaat met weinig neerslag.
•Het Middellandse Zeeklimaat (mediterraan klimaat) komt voor in gebieden met invloed van de zee en heeft hogere temperaturen. Een Middellandse Zeeklimaat kenmerkt zich door warme, droge zomers en milde, natte winters.
Welke factoren verklaren de klimaatverschillen in Spanje?
Vier factoren verklaren de klimaatverschillen in Spanje:
1.Breedteligging: Spanje ligt dichter bij de evenaar dan Nederland. De zonnestralen hoeven daardoor een kortere weg af te leggen om het aardoppervlak te bereiken, waardoor ze meer warmte behouden. Ook vallen de zonnestralen rechter op het aardoppervlak, waardoor ze een kleiner gebied opwarmen. Dit zorgt voor hogere temperaturen in Spanje.
2.Hoogteligging: hoe hoger een gebied ligt, hoe kouder het daar is. Dit verklaart waarom het klimaat in de Pyreneeën (hooggebergteklimaat) anders is dan in lagere delen van Spanje.
3.Invloed van de zee: gebieden aan de kust hebben te maken met de invloed van de zee. Dit zorgt voor koelere zomers en warmere winters vergeleken met het binnenland van Spanje, dat verder van de zee ligt.
4.Wind (stuwingregen): een westenwind, vergelijkbaar met Nederland, waait vanuit de zee landinwaarts tegen bergen op. De lucht stijgt op, koelt af op hoogte, er ontstaat condensatie en het gaat regenen. Dit fenomeen heet stuwingregen.
1.Aan de loefzijde van de berg, de natte kant waar de wind tegenaan waait, valt veel neerslag.
2.Aan de lijzijde van de berg, de andere kant die in de luwte ligt, valt weinig neerslag.

Wat is het verschil tussen het klimaat in Spanje en Nederland?
Om het verschil tussen het klimaat van Spanje en Nederland te zien, kunnen klimaatgrafieken gebruikt worden. Spanje heeft over het algemeen hogere temperaturen door de lagere breedteligging. In Spanje regent het in de zomer nauwelijks en in de winter meer, door de aanwezigheid van lagedrukgebieden. Hierdoor is Spanje een populaire bestemming voor toeristen in de zomer. In Nederland valt het hele jaar door neerslag en zijn de temperaturen gematigder.

Ook de balans tussen neerslag en verdamping verschilt. In Spanje is de neerslag minder, maar de verdamping is door de hoge temperaturen heel hoog. Veel water dat als neerslag valt, verdampt snel weer. Dit maakt Spanje een stuk droger dan Nederland.

Hoe beïnvloedt het klimaat de waterbalans en landbouw in Spanje?
Spanje heeft grote delen met een negatieve waterbalans. De waterbalans is de hoeveelheid water die een gebied binnenkomt en weer uitgaat. Een negatieve waterbalans betekent dat er meer water verdampt of wegstroomt dan er via neerslag binnenkomt. Hierdoor zijn grote delen van Spanje erg droog en minder geschikt voor landbouw.
Landbouw is vaak mogelijk in de buurt van rivieren of langs de kust, vooral in het westen en noorden van Spanje, omdat daar meer neerslag valt. In de drogere gebieden is irrigatie nodig. Irrigatie is het kunstmatig bevloeien van land om gewassen te laten groeien.
Welke gevolgen heeft irrigatie voor de bodem?
Intensieve irrigatie kan leiden tot landdegradatie. Landdegradatie is de afname van de kwaliteit van de bodem. Dit kan veroorzaakt worden door:
•Verzilting: het ophopen van zouten in de bodem door irrigatie, wat de bodem onvruchtbaar maakt.
•Ontbossing om landbouwgrond te creëren.
•Wegspoelen en wegwaaien van vruchtbare grond.
•Uitdroging van de bodem.
In droge gebieden waar intensieve landbouw niet mogelijk is, wordt soms extensieve landbouw toegepast. Extensieve landbouw is een vorm van landbouw waarbij niet intensief gebruik wordt gemaakt van de bodem, bijvoorbeeld door vee te laten grazen over uitgestrekte gebieden. De opbrengst per hectare is hierdoor wel klein.




