Een bubbelbad is een verwarmd zitbad voor meerdere personen. De watertemperatuur is meestal zo rond de 37∘C. Het water in een bubbelbad moet vrij worden gehouden van micro-organismen zoals bacteriën en van zogeheten zwemmersvuil (bijvoorbeeld zweet, cosmetica). Oplossingen van onderchlorigzuur ( HClO ) en natriumhypochloriet (NaClO) zijn hiervoor effectieve middelen. Beide oplossingen bevatten een sterke oxidator die zwemmersvuil afbreekt.
Het chlooratoom in HClO en ClO− wordt 'actief chloor' genoemd, en kan worden beschouwd als een Cl+ deeltje. Dit Cl+ is een reactief deeltje.
HClO en ClO− zijn niet bestand tegen uv-straling. Ze worden afgebroken tot reactieproducten die nauwelijks een reinigende werking hebben.
Zo wordt HClO in water afgebroken tot zoutzuur en zuurstof.
Geef de vergelijking voor deze afbraak van HClO.
Een bubbelbad is een verwarmd zitbad voor meerdere personen. De watertemperatuur is meestal zo rond de 37∘C. Het water in een bubbelbad moet vrij worden gehouden van micro-organismen zoals bacteriën en van zogeheten zwemmersvuil (bijvoorbeeld zweet, cosmetica). Oplossingen van onderchlorigzuur ( HClO ) en natriumhypochloriet (NaClO) zijn hiervoor effectieve middelen. Beide oplossingen bevatten een sterke oxidator die zwemmersvuil afbreekt.
Het chlooratoom in HClO en ClO− wordt 'actief chloor' genoemd, en kan worden beschouwd als een Cl+ deeltje. Dit Cl+ is een reactief deeltje.
Wanneer de TCCA op is, voegen zij een nieuw tablet aan het water toe.
Met elk tablet stijgt de concentratie van H3Cy.
Men adviseert het bubbelbadwater te verversen als het gehalte H3Cy boven 65 massa-ppm komt.
| dichtheid van het water | 1,0⋅103 kg m−3 |
|---|---|
| massa TCCA in een tablet | 10g |
| molaire massa TCCA | 232 g mol−1 |
| waterinhoud bubbelbad | 2,3 m3 |
Elk TCCA-tablet genereert in het bubbelbad een gehalte 'actief chloor' van 2,0 massa-ppm Cl.
Bereken na hoeveel TCCA-tabletten Bregje en Martin het water moeten verversen. De molaire massa van H3Cy is 129 g mol−1.
Neem aan dat de totale massa van het badwater niet verandert door toevoeging van tabletten.
Een superabsorberend polymeer (SAP) is een materiaal dat grote hoeveelheden water kan absorberen. Dit kan bijvoorbeeld worden toegepast in luiers. Onderzoekers hebben een biologisch afbreekbaar superabsorberend polymeer (bio-SAP) ontwikkeld op basis van gebruikt katoen. Katoen bestaat voornamelijk uit cellulose en voor een klein deel uit pectine. Pectine is een polysacharide opgebouwd uit eenheden ( α )-D-galacturonzuur.
Een eenheid ( α )-D-galacturonzuur kan worden voorgesteld als een eenheid ( β )-D-galactose, waarin de oriëntatie van de OH-groep op C1 anders is. Verder is de CH2OH -groep vervangen door een carboxylgroep.
In pectine zijn de eenheden ( α )-D-galacturonzuur aan elkaar verbonden door middel van de OH-groepen aan de C-atomen met nummers 1 en 4.
Ten slotte wordt het gevormde bio-SAP nog behandeld met een base.
Door deze behandeling zijn in het materiaal weer OCH2COO− -groepen aanwezig met daaraan gebonden natriumionen. Wanneer water wordt opgenomen in dit bio-SAP gaan de OCH2COO− -groepen elkaar afstoten.
Hierdoor ontstaat meer afstand tussen de ketens waardoor het materiaal zeer veel water kan opnemen.
Wanneer dit bio-SAP wordt toegepast in luiers, is de hoeveelheid water die kan worden opgenomen afhankelijk van de pH van de urine.
Leg uit of het materiaal bij lagere pH meer of minder water kan opnemen dan bij pH=7. Betrek in je antwoord de interacties die een rol spelen bij het opnemen van water door bio-SAP.